Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

Prestatie-indicatoren gezondheidszorgZorgbehoeften

30-dagen sterfte na ziekenhuisopname voor acuut myocardinfarct

Indicatorwaarde

Referentiewaarde

3-jarige trend

3-jarige trend: Het percentage  patiënten dat binnen 30 dagen na een ziekenhuisopname voor een acuut myocardinfarct is overleden is de afgelopen 3 jaar afgenomen. Dit is een gunstige trend

30-dagen sterfte na ziekenhuisopname voor een acuut myocardinfarct, internationale vergelijking 2017

Per 100 personen van 45 jaar en ouder
Nederlandse naamBinnen het ziekenhuisBI bovengrens (ng)BI ondergrens (ng)Binnen/buiten het ziekenh.BI bovengrens (g)BI ondergrens (g)
Letland12,314,612,315,217,817,8
Slowakije5,46,45,413,113,912,3
Litouwen7,99,37,912,614,514,5
Chili8,28,87,612,613,311,9
Estland9,610,68,612,313,611,1
Zuid Korea9,2109,211,612,512,5
Tsjechië6,26,55,810,110,69,6
Verenigd Koninkrijk6,87,16,88,89,49,4
Finland88,37,78,89,38,3
Nieuw Zeeland (2015)4,75,14,37,98,57,3
Italië (2015)5,45,55,37,67,87,5
Polen3,84,33,87,388
Frankrijk (2015)5,65,75,47,27,47
Zweden3,74,13,77,17,87,8
Denemarken3,23,62,877,76,4
Canada4,854,76,97,16,6
Israël55,956,988
Spanje6,36,76,36,97,47,4
Portugal6,87,86,86,87,87,8
Noorwegen3,23,73,26,67,57,5
Slovenië3,54,73,56,17,97,9
NEDERLAND (2016)3,53,83,344,33,8
Japan910,49
Duitsland8,598,1
België6,87,26,5
Oostenrijk6,26,65,8
Verenigde Staten (2016)554,9
Ierland4,864,8
Australië (2016)3,843,6
  • Gestandaardiseerd naar OECD 2010 standaard voor 45 jaar en ouder 
  • Binnen/buiten het ziekenhuis: elke sterfte die volgt op een opname voor een acuut myocardinfarct wordt meegeteld (ongeacht de plek van overlijden).
  • Binnen het ziekenhuis: enkel de sterfte die plaatsvindt in hetzelfde ziekenhuis als waar de patiënt opgenomen lag ten tijde van het acute myocardinfarct wordt meegeteld.

Trend 30-dagen sterfte na opname voor een acuut myocardinfarct 2000 - 2016

Per 100 personen van 45 jaar en ouder
Jaar MannenBI ondergrens (m)BI bovengrens (m)VrouwenBI ondergrens (v)BI bovengrens (v)Totaal BI ondergrens (t)BI bovengrens (t)
200016,215,417,117,416,518,416,616,117,2
200115,414,616,216,315,417,215,51516,1
200215,514,716,215,91516,715,51516,1
200315,214,51615,614,816,515,214,715,7
200413,913,114,714,113,214,913,913,314,4
20051312,213,713,612,714,513,112,513,6
200612,611,813,412,511,613,412,411,913
20071211,212,811,710,912,611,811,312,4
200810,59,811,29,8910,610,29,710,7
20099,99,310,69,68,910,49,89,410,3
20109,89,110,410,69,811,410,19,610,6
20119,6910,39,18,39,89,38,89,8
20128,57,99,17,87,18,48,17,68,5
20135,24,75,64,94,45,45,14,85,4
20144,64,254,94,45,44,84,55
20154,74,35,14,33,94,74,64,34,9
20163,93,54,24,444,843,84,3
  • Gestandaardiseerd naar OECD 2010 standaard van 45 jaar en ouder
  • Data betreft gelinkte data: elke sterfte die volgt op een opname voor een acuut myocardinfarct wordt meegeteld (ongeacht de plek van overlijden).

Deze cijfers zijn ook onderdeel van:

 
 

 

  Toelichting
Volledige naam indicator Percentage patiënten dat binnen 30 dagen na een ziekenhuisopname voor een acuut myocardinfarct is overleden.
Bron Landelijke Basisregistratie Ziekenhuiszorg (LBZ)OECD Health Statistics

Berekening

Teller: alle personen van 45 jaar en ouder die werden opgenomen met een acuut myocardinfarct en die binnen 30 dagen na de opname overleden waren.
Noemer: alle personen van 45 jaar en ouder die werden opgenomen met een acuut myocardinfarct.

Interpretatie

Deze indicator heeft betrekking op de kwaliteit van zorgverlening in de acute fase van een acuut myocardinfarct. De uitkomst van deze indicator wordt positief beïnvloed door een snelle en adequate signalering en vervoer naar het ziekenhuis, snelle diagnostiek in ambulance en ziekenhuis, snelle therapeutische vaatinterventie (zoals percutane coronaire interventie (PCI)), preventie van complicaties, vroegtijdige revalidatie en toepassen van de juiste medicatie.

Toelichting bij referentiewaarde Mediaan getoonde OECD-landen (gemiddelde van Polen en Italië)

Jaar

2017 (internationaal); 2016 (nationaal)

30-dagen sterfte na ziekenhuisopname voor ischemische beroerte

Indicatorwaarde

Referentiewaarde

3-jarige trend

30-dagen sterfte na ziekenhuisopname voor een ischemische beroerte, internationale vergelijking 2017

Per 100 personen van 45 jaar en ouder
Nederlandse naamBinnen het ziekenhuisBI bovengrens (ng)BI ondergrens (ng)Binnen/buiten het ziekenh.BI bovengrens (g)BI ondergrens (g)
Letland20,421,419,328,229,427
Litouwen15,616,414,920,521,319,7
Estland*8,79,77,717,318,616
Slowakije**9,610,29,116,417,115,7
Chili8,38,87,815,816,515
Slovenië12,213,311,114,816,113,5
Tsjechië9,49,791414,513,6
Nieuw Zeeland (2015)7,78,3712,21311,3
Verenigd Koninkrijk8,898,611,611,811,4
Spanje99,28,810,310,510
Zweden 5,765,410,210,69,8
Portugal10,110,59,61010,49,5
Canada7,98,27,79,810,19,4
Denemarken4,24,73,89,410,28,7
Finland88,47,79,39,88,8
Italië (2015)6,36,56,29,39,59,2
Noorwegen3,743,38,79,38,1
Israël5,96,45,48,59,17,9
Zuid Korea3,23,43,16,26,45,9
NEDERLAND (2016)5,35,555,765,4
Polen (2015)12,81312,5
België8,38,67,9
Ierland88,87,2
Frankrijk (2015)7,17,26,9
Oostenrijk6,26,65,9
Australië (2016)66,35,7
Duitsland66,35,6
Verenigde Staten (2016)4,24,34,2
Japan33,22,8
  • Gestandaardiseerd naar OECD 2010 standaard voor 45 jaar en ouder 
  • Binnen/buiten het ziekenhuis: elke sterfte die volgt op een opname voor een herseninfarct wordt meegeteld (ongeacht de plek van overlijden).
  • Binnen het ziekenhuis: enkel de sterfte die plaatsvindt in hetzelfde ziekenhuis als waar de patiënt opgenomen lag ten tijde van het herseninfarct wordt meegeteld.
  • *Binnen het ziekenhuis: 2017; Binnen/buiten het ziekenhuis: 2015
  • **Binnen het ziekenhuis: 2017; Binnen/buiten het ziekenhuis: 2016

30-dagensterfte na ziekenhuisopname voor ischemische beroerte 2000-2016

Per 100 personen van 45 jaar en ouder
Jaar MannenBI ondergrens (m)BI bovengrens (m)VrouwenBI ondergrens (v)BI bovengrens (v)Totaal BI ondergrens (t)BI bovengrens (t)
200021,820,52319,618,620,620,519,721,2
200120,819,62219,218,220,12019,320,8
200220,319,121,518,417,519,419,218,519,9
200317,416,318,416,215,417,116,816,217,5
200417,216,118,216,515,717,416,716,117,4
200515,114,11614,413,615,214,61415,2
200614,213,315,213,712,914,513,913,314,5
200714,213,215,114,113,314,91413,414,6
2008131213,913,212,41413,212,613,8
200913,112,11412,812,113,61312,413,6
201011,81112,612,711,913,412,411,913
201111,310,412,111,610,912,311,61112,1
201210,81011,612,611,813,311,811,212,3
20136,86,17,56,86,27,36,86,47,2
20146,15,66,66,25,76,66,25,86,5
20155,75,36,26,15,66,565,76,3
20165,85,36,25,65,26,15,75,46
  • Gestandaardiseerd naar OECD 2010 standaard van 45 jaar en ouder
  • Data betreft gelinkte data: elke sterfte die volgt op een opname voor een ischemische beroerte wordt meegeteld (ongeacht de plek van overlijden).

Deze cijfers zijn ook onderdeel van:

 
 

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage patiënten dat binnen 30 dagen na een ziekenhuisopname voor een ischemische beroerte (herseninfarct) is overleden.

Bron

Landelijke Basisregistratie Ziekenhuiszorg (LBZ)OECD Health Statistics

Berekening

Teller: alle personen van 45 jaar en ouder die werden opgenomen met een ischemische beroerte en die binnen 30 dagen na de opname overleden waren.
Noemer: alle personen van 45 jaar en ouder die werden opgenomen met een ischemische beroerte.

Toelichting berekening Voor de classificatie van een ischemische beroerte zijn de ICD-10 codes "I63: cerebraal infarct" en  "I64: beroerte, niet-gespecificeerd als bloeding of infarct" gebruikt. 

Interpretatie

Deze indicator heeft betrekking op de kwaliteit van zorgverlening in de acute zorg rondom de zorg voor patiënten met een beroerte. De indicator reflecteert snelle en adequate signalering en vervoer naar het ziekenhuis, snelle diagnostiek in ambulance en ziekenhuis, snelle trombolyse, preventie van complicaties, vroegtijdige revalidatie en toepassen van de juiste medicatie.

Toelichting bij de referentiewaarde

Mediaan getoonde OECD-landen (gemiddelde van Zweden en Spanje)

Jaar

2017 (internationaal); 2016 (nationaal)

Heupfracturen die uiterlijk op de volgende kalenderdag geopereerd worden

Indicatorwaarde

Referentiewaarde

3-jarige trend

3-jarige trend: De trend is stabiel

Tijdigheid van opereren van een heupfractuur 2017

LandZelfde dag (op dag 0)Volgende dag (op dag 1)Op dag 2Uiterlijk twee dagen (dag 2)Uiterlijk volgende dag (op dag 0 of 1)
Denemarken30,657,78,696,988,3
NEDERLAND (2016)35,452,68,096,088,0
Zweden38,545,98,492,884,4
Duitsland35,946,39,291,482,2
Noorwegen28,852,115,196,080,9
Zwitserland (2015)35,344,411,190,879,7
Verenigd Koninkrijk29,046,814,990,775,8
Oostenrijk40,535,312,988,775,8
Canada23,749,818,992,473,5
Finland (2015)23,948,514,486,872,4
Estland34,537,313,885,671,8
Nieuw Zeeland19,651,217,788,570,8
Israël18,748,821,188,667,5
Ierland25,341,617,184,066,9
Tsjechië24,239,416,980,563,6
Litouwen28,225,317,370,853,5
Slovenië19,529,820,269,549,3
Italië (2015)6,129,018,153,235,1
Spanje11,820,619,551,932,4
Portugal15,316,112,143,531,4
Letland3,715,021,940,618,7

Trend tijdigheid van opereren van een heupfractuur (2000 - 2016)

JaartalZelfde dagUiterlijk volgende dag Uiterlijk binnen 2 dagen
200035,379,890,1
200137,480,291,1
200235,580,190,3
200336,280,991,1
200437,981,091,4
200539,083,492,9
200639,185,493,4
200742,386,193,9
200841,885,293,6
200943,486,594,2
201042,287,194,7
201141,186,895,2
2012
201342,989,495,7
201437,789,996,5
201536,587,495,8
201635,488,096,0
Deze cijfers zijn ook onderdeel van  
 

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage operaties aan heupfracturen dat uiterlijk de volgende kalenderdag is geopereerd 

Bronnen

Landelijke Basisregistratie Ziekenhuiszorg (LBZ)OECD Health Statistics

Berekening

Teller: Aantal patiënten van 65 jaar of ouder dat werd opgenomen in het ziekenhuis met een heupfractuur en dezelfde, of de daaropvolgende kalenderdag werd geopereerd.
Noemer: aantal patiënten van 65 jaar of ouder dat werd opgenomen in het ziekenhuis met een heupfractuur, en daaraan werd geopereerd.

Interpretatie

De tijd die verstrijkt tussen het ontstaan van de fractuur en de operatie is van invloed op de uitkomst van behandeling. Vroeg chirurgisch ingrijpen verlaagt mogelijk de kans op sterfte en complicaties, en leidt mogelijk tot een kortere opnameduur (Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, 2018). Daarnaast verkort wachten op een operatie de periode met pijn en ongemakt. In de richtlijn Beleid rondom spoedoperaties wordt aanbevolen om een heupfractuur tijdens de dag van de opname of tijdens de volgende kalenderdag na opname te opereren Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, 2018.

Toelichting bij de referentiewaarde

Mediaan getoonde OECD-landen: Estland 

Jaar

2017 (tenzij anders aangegeven) 

Literatuur Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, 2018; OECD, 2019

Datum publicatie

06-05-2020

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Nederlandse Vereniging voor Heelkunde. Opname-/operatietijd proximale femurfractuur. Utrecht: Nederlandse Vereniging voor Heelkunde ; 2018. Bron
  2. OECD. Health at a Glance 2019. Paris: OECD; 2019. Bron

Ambulanceritten binnen 15 minuten bij de patiënt

Indicatorwaarde (2019)

Referentiewaarde

Referentiewaarde: 95 procent moet van alle spoedeisende ambulance ritten binnen de norm van 15 minuten ter plaatse zijn.

3-jarige trend (2017 - 2019)

3-jarige trend is stabiel
 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage spoedeisende ambulanceritten dat binnen de norm van 15 minuten ter plaatse is.

Bronnen

Sectorkompas Ambulancezorg Nederland

Berekening

Teller: aantal A1-inzetten binnen de norm.
Noemer: totaal aantal A1-inzetten.

Interpretatie

Binnen de ambulancezorg geldt een streefnorm dat – onder normale omstandigheden -  95% van de A1-inzetten (spoed) binnen 15 minuten (12 minuten rijtijd + 3 minuten meld- en uitruktijd) ter plaatse moet zijn, wanneer de ambulance vertrekt vanaf een ambulancestandplaats. Overschrijdingen ontstaan door een combinatie van factoren zoals onvoldoende beschikbaarheid van ambulances, onvoldoende spreiding van standplaatsen en overmacht zoals slecht weer, verkeerscongestie of een uitzonderlijk grote vraag naar ambulancezorg op een bepaald moment.

Toelichting bij de referentiewaarde

Streefnorm

Jaar

2019

Meer informatie Acute zorg op Volksgezondheidenzorg.info; Sectorkompas AZN
Literatuur Kommer et al., 2020

Datum publicatie

15-02-2021

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Kommer G.J, Engelfriet P., Over E., de Bruin-Kooistra M., Mohnen S.M. Referentiekader spreiding en beschikbaarheid ambulancezorg 2020. Bilthoven: RIVM; 2020. Bron

Inwoners binnen 15 minuten bereikt door een ambulance

Indicatorwaarde (2020)

Referentiewaarde

3-jarige trend

3-jarige trend: De trend is stabiel

Inwoners binnen bereik ambulancestandplaats 1999-2020

Jaar Percentage
199991,5
2000
2001
2002
200392,8
2004
2005
2006
2007
200897,3
2009
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
201799,3
2018
201999,4
202099,4

Bron: RIVM (Kommer et al., 2020)

Niet voor alle jaren zijn gegevens beschikbaar

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage inwoners dat binnen 15 minuten (12 minuten rijtijd + 3 minuten meld- en uitruktijd) bereikt kan worden door een ambulance in geval van spoed.

Bronnen

RIVM (Kommer et al., 2020)

Berekening

Teller: aantal inwoners bereikt binnen de 15-minuten door ambulance (vanaf de dichtstbijzijnde ambulancestandplaats) in geval van spoed.
Noemer: totaal aantal inwoners.

Toelichting referentiewaarde

Binnen de ambulancezorg geldt een streefnorm dat – onder normale omstandigheden -  95% van de A1-inzetten (spoed) binnen 15 minuten (12 minuten rijtijd + 3 minuten meld- en uitruktijd) ter plaatse moet zijn, wanneer de ambulance vertrekt vanaf een ambulancestandplaats. Het referentiekader en haar uitgangspunten en randvoorwaarden sluiten hierbij aan, maar er zijn verschillen. Het Referentiekader spreiding en beschikbaarheid ambulancezorg beoogt voldoende ambulancecapaciteit te berekenen zodat elke RAV aan de prestatienorm kan voldoen. Het referentiekader gaat er in de berekening van de benodigde capaciteit van uit dat in 95% van de gevallen er een ambulance beschikbaar is voor een spoedeisende inzet. Deze berekening gaat uit van de benodigde capaciteit op RAV-niveau. Naast dit capaciteitsmodel, werkt het referentiekader met een standplaatsenmodel. Daarvoor geldt dat 97% van de inwoners van een regio binnen 12 minuten rijtijd per ambulance met zwaailicht en sirenes bereikt kan worden. In het referentiekader is de 15 minuten responstijd vertaald naar 12 minuten rijtijd en 3 minuten meld- en uitruktijd.

Jaar

2020

Meer informatie Acute zorg op Volksgezondheidenzorg.info
Literatuur Kommer et al., 2020

Datum publicatie

09-02-2021

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Kommer G.J, Engelfriet P., Over E., de Bruin-Kooistra M., Mohnen S.M. Referentiekader spreiding en beschikbaarheid ambulancezorg 2020. Bilthoven: RIVM; 2020. Bron

Inwoners binnen 30 minuten bereikt door mobiel medisch team

Indicatorwaarde

indicatorwaarde: 99% van de bevolking kan binnen 30 minuten worden bereikt door een medisch mobiele team

Referentiewaarde

Geen 3-jarige trend

Geen referentiewaarde

Trend bevolking binnen 30 minuten bereikt door mobiel medisch team

JaarPercentage totale bevolking
200798
201199
201899

Bron: LNAZ; gegevens bewerkt door het RIVM

  • In de tussenliggende jaren is de analyse niet uitgevoerd
Dit cijfer is ook onderdeel van

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage van de bevolking dat binnen 30 minuten bereikt kan worden door een mobiel medisch team (MMT)

Bronnen

LNAZ gegevens bewerkt door het RIVM

Berekening

Teller: aantal inwoners dat binnen 30 minuten bereikt kan worden door een mobiel medisch team.
Noemer: totale bevolking.

Interpretatie

Een mobiel medisch team (MMT) verleent medisch-specialistische hulp ter plaatse van een incident in aanvulling op ambulancezorg. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een groot en gecompliceerd ongeval met meerdere en zwaargewonde patiënten. Hoe sneller het MMT ter plaatse is, hoe beter.

Toelichting bij de referentiewaarde

Iedereen moet binnen 30 minuten bereikt kunnen worden. Het ministerie van VWS heeft in zijn beleidsvisie traumazorg aangegeven dat een traumateam (MMT) alleen meerwaarde heeft als het binnen 30 minuten ter plaatse kan zijn.

Jaar

2018