Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

Prestatie-indicatoren gezondheidszorgSysteemdoelen

Aandeel collectieve uitgaven besteed aan zorg

Indicatorwaarde

Indicatorwaarde: 21,4%

Geen referentiewaarde

Geen referentiewaarde

3-jarige trend

De 3-jarige trend is stabiel

Aandeel collectieve uitgaven besteed aan zorg 2016

LandPercentage
Verenigde Staten37,0
Japan23,4
Zwitserland22,4
Duitsland21,3
Ierland19,7
Chili19,6
NEDERLAND19,3
VK18,7
Zweden18,5
Noorwegen17,6
Australië (2015)17,6
Frankrijk17,0
Denemarken16,2
Oostenrijk15,3
Spanje15,1
Tsjechië14,9
België14,9
Slowakije13,9
Slovenië13,6
Italië13,5
Zuid-Korea13,5
Portugal13,4
Lithouwen13,0
Finland12,5
Estland12,4
Israël11,6
Polen11,0
Hongarije10,5
Griekenland10,4
Letland9,1

Bronnen: OECD National Account Statistics/OECD Health Statistics 2018

 

  • Verenigde staten: Introductie Obama-wet (Affordable Care Act) in 2014. Dit leidde tot een grote stijging in de teller. Bij de eigen berekening beschouwen we dit als overheids/verplichte uitgaven, terwijl Health at a Glance dit beschouwt als private health care.

Trend aandeel collectieve uitgaven besteed aan zorg

JaarPercentage
200013,2
200113,5
200214,7
200315,3
200415,6
200515,8
200618,4
200718,7
200818,8
200919,2
201019,5
201120,2
201220,8
201320,9
201420,9
201520,8
201621,2
201721,4

Bron: CPB

Dit cijfer is ook onderdeel van

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage van de collectieve uitgaven dat wordt besteed aan zorg

Bron

OECD (internationaal), CPB (trend)

Berekening

Teller: totale collectieve uitgaven besteed aan zorg.
Noemer: totale collectieve uitgaven.

Interpretatie

Vanuit het oogpunt van betaalbaarheid is het wenselijk het aandeel van de totale collectieve uitgaven dat wordt besteed aan de zorguitgaven te beperken. Een verdere stijging kan leiden tot verdringing van overige collectieve uitgaven zoals onderwijs. Een lager percentage is vanuit dit perspectief beter.

Deze indicator is berekend door het CPB en gebaseerd op de Zorgrekeningen van het CBS. De Zorgrekeningen beschrijft alle (directe) maatschappelijke uitgaven aan gezondheid en welzijn, waarbij direct contact is met de patiënt of cliënt, en activiteiten van beleid, beheer en verzekering van gezondheids- en welzijnszorg. De CPB-definitie is minus de uitgaven in de kinderopvang.

Toelichting bij de referentiewaarde

n.v.t.

Jaar

2017

Aandeel bruto binnenlands product besteed aan zorg

Indicatorwaarde

ndicatorwaarde: 10,4 procent

Referentiewaarde

Referentiewaarde: 9,2%

3-jarige trend

Trend: De 3-jarige trend is stabiel

Bruto binnenlands product besteed aan zorg 2016

LandTotaalCollectief gefinancierdPrivaat gefinancierd
Verenigde Staten17,28,58,8
Zwitserland12,47,94,5
Duitsland11,39,51,7
Zweden11,09,21,8
Frankrijk11,08,72,3
Japan10,99,11,7
Canada10,67,43,1
Noorwegen10,58,91,5
België10,48,02,4
Denemarken10,48,71,7
Oostenrijk10,47,82,5
NEDERLAND*10,48,52,0
Verenigd Koninkrijk9,77,72,0
Australië9,66,53,1
Finland9,37,02,4
Nieuw Zeeland9,27,41,8
Spanje9,06,32,6
Portugal8,95,93,0
Italië8,96,72,2
Slovenië8,66,12,4
Chili8,55,13,3
Griekenland8,34,83,5
Ierland7,85,52,3
Zuid-Korea7,74,33,3
Hongarije7,65,22,4
Israël7,44,52,9
Tjechië7,36,01,3
Slowakije6,95,51,4
Estland6,75,11,6
Polen6,44,42,0
Letland5,73,22,5

Bron: OECD

*De cijfers van de OECD wijken iets af van de cijfers van het CBS, vanwege een zeer recente update.

Trend bruto binnenlands product besteed aan zorg

Collectief gefinancierdPrivaat gefinancierdTotaal
20056,23,09,3
20067,61,69,2
20077,71,69,2
20087,81,79,5
20098,41,810,2
20108,61,810,4
20118,61,910,5
20128,92,010,9
20138,82,110,9
20148,82,110,9
20158,62,110,4
20168,52,010,4

Bron: CBS (totaal)/OECD (collectief/privaat) 

2015 en 2016 voorlopige cijfers.
*De cijfers van de OECD wijken net iets af van de cijfers van het CBS, vanwege een zeer recente update.

Dit cijfer is ook onderdeel van

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage van het bruto binnenlands product dat wordt besteed aan zorg

Bronnen

CBS, bewerking RIVMOECD System of Health Accounts

Berekening

Teller: totale zorguitgaven.
Noemer: bruto binnenlands product.

Interpretatie

Vanuit het oogpunt van betaalbaarheid is het gewenst het aandeel van de zorguitgaven in het bbp te beperken. Een lager percentage is vanuit dat perspectief beter. Vanwege een zeer recente update van de cijfers van het CBS wijken deze net iets af van de cijfers van het OECD.

Onder 'collectieve financiering' worden overheidsfinancieringen, ziekenfondsen, verplichte ziektekostenverzekeringen en verplichte medische spaarrekeningen gerekend. Voor Nederland vallen zorguitgaven van de overheid (subsidies, Wmo, Jeugdwet) en de Wlz hieronder.
Tot 'private financiering' worden vrijwillige vooruitbetaalde zorguitgaven gerekend, als ook directe betalingen van zorgkosten (diensten of materialen) door een zorgconsument gerekend. Voor Nederland omvat dit aanvullende verzekeringen, betalingen door bedrijven (zoals arbozorg), directe eigen betalingen en eigen risico/bijdragen Zvw.

Toelichting bij de referentiewaarde

Mediaan 31 OECD-landen: Nieuw Zeeland

Jaar

2016

Collectieve zorguitgaven per werkende per jaar

Indicatorwaarde

Referentiewaarde: 8.023 euro

Geen referentiewaarde

3-jarige trend

3-jarige trend: De trend is stijgend; dat is ongunstig

Collectieve zorguitgaven per werkende 2017

LandDollar
Verenigde Staten (2016)17185,78405
Noorwegen10737,8193
Frankrijk10139,28425
Duitsland9644,712395
België9204,914426
Zweden9168,691566
Zwitserland9134,337275
Denemarken8907,162261
NEDERLAND8690,162322
Ierland8621,824396
Oostenrijk8326,29401
Japan7703,69918
Italië6900,195153
Verenigd Koninkrijk6879,605268
Finland6794,261281
Canada6741,092396
Australië6237,005889
Spanje5896,547586
Nieuw Zealand5402,935055
Slovenië4498,196226
Tsjechië4355,516338
Portugal4171,954337
Griekenland4084,351563
Israël4053,212717
Slowakije3923,74248
Zuid-Korea3247,028475
Estland3228,749953
Polen3126,66419
Hongarije3073,413533
Lithouwen2819,782256
Chili2585,108066
Letland2034,210041

Bron: OECD

Trend collectieve zorguitgaven per werkende

Euro per werkendeEuro per werkende (lopende prijzen 2017)
20075791,76396,0
20086288,86802,2
20096735,27121,2
20107181,07577,3
20117404,87743,9
20127718,18055,4
20137771,27998,8
20147817,87943,5
20157723,17823,8
20167863,17902,5
20178022,88022,8
  • Minimaal 1 uur werk per week
  • Werkenden tussen de 15 en 75 jaar
Dit cijfer is ook onderdeel van

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Collectieve zorguitgaven per werkende per jaar

Bron

Rijksbegroting VWS en CBS (trend), OECD (internationaal)

Berekening

Teller: totale collectieve zorguitgaven. Noemer: totale aantal werkenden tussen de 15 en 75 jaar die minimaal 1 uur per week betaald werk hebben (of onbetaald binnen een familiebedrijf).
Een tweede berekening is gemaakt in lopende prijzen (2017).

Interpretatie

De zorguitgaven worden voor een groot deel gefinancierd uit inkomen uit arbeid (Wlz premie, inkomensafhankelijke Zvw premie, zorgtoeslag uit algemene middelen). De hoogte van de collectieve zorguitgaven is zo van invloed op de kosten van arbeid. Hogere zorgpremies en belastingen maken arbeid duurder en werken minder aantrekkelijk. De betaalbaarheid van de zorg hangt dus ook af van het aantal werkenden dat de collectieve zorglasten moet dragen. Daarom drukken we de collectieve uitgaven aan zorg hier uit ten opzichte van het aantal werkenden.
De Nederlandse cijfers wijken iets af van de internationale. De internationale cijfers (in Dollars!) zijn gebaseerd op de koopkrachtpariteit of "purchasing power parity", PPP. PPPs vergelijken de koopkracht van geldeenheden tussen verschillende landen; ze geven aan hoeveel je van de valuta van het ene land moet uitgeven om hetzelfde te kunnen voor 1 eenheid van de valuta in het andere land.

Toelichting bij de referentiewaarde

Geen

Jaar

2017

Jaarlijkse groei private zorguitgaven op macroniveau

Indicatorwaarde

Indicatorwaarde: 0,03% stijging

Referentiewaarde

Referentie waarde: 3,9% stijging

3-jarige trend

Geen trend beschikbaar

Jaarlijkse groei private zorguitgaven op macroniveau 2015-2017

Gemiddelde groei
LandGemiddelde groei
Letland14,09
Zuid-Korea9,39
Polen8,99
Chili8,30
Estland7,50
Israël7,01
Hongarije6,41
Nieuw Zeeland6,20
Lithouwen6,05
Noorwegen5,91
Verenigd Koninkrijk5,54
Tsjechië4,63
Canada4,36
Finland4,26
Zweden4,18
Slowakije4,01
Verenigde Staten (2016)3,80
Australië3,72
Italië3,71
Zwitserland3,53
Duitsland3,22
Portugal2,99
Oostenrijk2,91
Denemarken2,84
Spanje2,75
Slovenië2,34
Japan1,70
België1,09
Ierland1,05
Griekenland0,09
NEDERLAND0,03
Frankrijk-7,76

Bron: OECD

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Jaarlijkse groei van de zorguitgaven op macroniveau

Bronnen

OECD (internationaal), Rijksbegroting (trend)

Berekening

Gemiddeld genomen over de afgelopen 3 jaar (2015/2016/2017): Teller; absolute groei in de totale private zorguitgaven ten opzichte van het voorgaande jaar. Noemer; totale private zorguitgaven in het voorgaande jaar.

Interpretatie

Vanuit het oogpunt van betaalbaarheid is het gewenst de zorguitgavengroei te beperken. Een lager groeipercentage is vanuit dat perspectief beter.
Voor de nationale trend en de international vergelijking zijn enigszins verschillende definities van zorguitgaven gebruikt. Hierdoor verschilt het groeipercentage van Nederland tussen beide statistieken.

Toelichting bij de referentiewaarde

Mediaan 30 OECD-landen (Verenigde Staten/Slowakije)

Jaar

2015-2017

Jaarlijkse groei collectieve zorguitgaven op macroniveau

Indicatorwaarde

Referentiewaarde: 2,36% groei

Geen referentiewaarde

3-jarige trend

Trend: De 3-jarige trend is stijgend dat is ongunstig

Jaarlijkse groei collectieve zorguitgaven op macroniveau 2015-2017

Gemiddelde groei
Land2015-2017
Letland9,3
Zuid-Korea8,9
Chili8,7
Estland8,0
Polen7,2
Hongarije6,0
Israël5,4
Lithouwen5,3
Noorwegen5,2
Verenigde Staten5,0
Australië4,9
Zweden4,6
Duitsland4,6
Nieuw Zeeland4,6
Slowakije4,5
Canada4,0
Slovenië4,0
Ierland3,7
Portugal3,6
Verenigd Koninkrijk3,4
Oostenrijk3,3
Spanje3,2
Zwitserland3,1
Denemarken2,8
Tsjechië2,8
Finland1,9
België1,9
Japan1,8
Frankrijk1,7
Griekenland1,5
Italië1,5
NEDERLAND1,1

Bron: OECD

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Jaarlijkse groei van collectieve zorguitgaven op macroniveau

Bronnen

OECD (internationaal), Rijksbegroting (trend)

Berekening

Gemiddeld genomen over de afgelopen 3 jaar (2015/2016/2017): Teller; absolute groei in de totale collectieve zorguitgaven ten opzichte van het voorgaande jaar. Noemer; totale collectieve zorguitgaven in het voorgaande jaar.

Interpretatie

Vanuit het oogpunt van betaalbaarheid is het gewenst de zorguitgavengroei te beperken. Een lager groeipercentage is vanuit dat perspectief beter.
Voor de nationale trend en de international vergelijking zijn enigszins verschillende definities van zorguitgaven gebruikt. Hierdoor verschilt het groeipercentage van Nederland tussen beide statistieken.

Toelichting bij de referentiewaarde

Mediaan 30 OECD-landen (Slovenië/Canada)

Jaar

2015-2017

Mensen die afzien van zorg vanwege de kosten

Indicatorwaarde

Prestatieindicator: 11%

Geen referentiewaarde

Geen referentiewaarde

Geen 3-jarige trend

Geen trend beschikbaar

Afzien van zorg vanwege kosten

[container]

Bron: OECD Health Statistics / HaaG

De gegevens van Tsjechië zijn van 2010, van Polen, Frankrijk en Italië van 2013, van Spanje van 2014 en van Portugal, Nieuw-Zeeland en  Australië van 2015.

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage van de volwassen bevolking dat in de voorgaande 12 maanden wel eens afzag van zorg vanwege de kosten.

Bron

NIVEL Consumentenpanel (2016), OECD Health Statistics (2017)

Berekening

Teller: aantal personen dat aangeeft in de voorgaande 12 maanden een medisch probleem te hebben maar heeft afgezien van (a) artsenbezoek, (b) een aanbevolen medisch onderzoek, behandeling of nabehandeling en/of (c) afhalen of gebruik van medicijnen vanwege de kosten. Noemer: alle respondenten van 18 jaar en ouder (n=657)

Interpretatie

Wanneer mensen afzien van zorg vanwege de kosten wijst dit op ervaren problemen met de financiële toegankelijkheid. Mogelijk noodzakelijke zorgbehoeften blijven onvervuld. 

Toelichting bij de referentiewaarde

 

Jaar

2016

Mensen die afzien van dringende tandheelkundige zorg vanwege de kosten

Indicatorwaarde

Indicatorwaarde: 0,3%

Referentiewaarde

Referentiewaarde: 3,2%

3-jarige trend

Trend is stabiel

Afzien van dringende tandheelkundige zorg vanwege kosten 2016

16 jaar en ouder, in de afgelopen 12 maanden
LandPercentage
Portugal13,8
Griekenland13,4
Letland13,1
Estland9,2
Italië8,0
Spanje5,1
België3,7
Denemarken3,7
Noorwegen3,6
Litouwen3,6
Zweden3,4
Zwitserland3,3
Ierland3,1
Frankrijk2,9
Polen2,9
Hongarije2,0
Slowakije1,7
Verenigd Koninkrijk1,4
Duitsland0,6
Tsjechië0,6
Finland0,4
Slovenië0,4
Oostenrijk0,4
Nederland0,3

Bron: EU-SILCEurostat, 2018

Dit cijfer is ook onderdeel van

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Percentage van de bevolking dat afziet van dringende tandheelkundige zorg vanwege de kosten

Bron

EU-SILCEurostat

Berekening

Teller: alle respondenten in de EU-SILC enquête van 16 jaar en ouder die aangaven in de afgelopen 12 maanden te hebben afgezien van dringende tangdheelkundige zorg omdat dit teveel geld kostte.
Noemer: alle respondenten van 16 jaar en ouder. 

Interpretatie

Tandartsbezoek is voor personen van 18 jaar en ouder niet opgenomen in het basispakket, het moet zelf worden betaald of er moet voor worden bijverzekerd. De indicator geeft een indruk van financiële toegankelijkheid van tandartsenzorg.

Toelichting bij de referentiewaarde

Mediaan 24 Europese landen (Ierland/Zwitserland)

Jaar

2016

Wanbetalers zorgverzekering

Indicatorwaarde

Indicatorwaarde: 249.044 wanbetalers

Referentiewaarde

Referentiewaarde: Er is geen norm, maar iedereen is wettelijk verplicht de premie voor een basisverzekering te betalen.

3-jarige trend

3-jarige trend: De trend is dalend; dat is gunstig
Dit cijfer is ook onderdeel van

 

 

Toelichting

Volledige naam indicator

Aantal mensen met een zorgverzekering dat tenminste zes maanden hun premie voor de basisverzekering niet heeft betaald

Bron

Zorginstituut Nederland Verzekerden Monitor

Berekening

Totaal aantal wanbetalers

Interpretatie

Wanbetalers zijn mensen die wel een zorgverzekering hebben maar de premie tenminste zes maanden niet betaald hebben. Wanbetaling van de zorgpremie staat niet op zichzelf. Vaak zijn er ook andere schulden. Uit onderzoek van Social Force (2014) blijkt dat deze groep moeilijk te bereiken is. Herhaaldelijke telefonische en schriftelijke oproepen leveren vaak niets op.

Toelichting bij de referentiewaarde

Er bestaat geen beleidsnorm voor het aantal wanbetalers, maar iedereen is wettelijk verplicht voor de basisverzekering te betalen.

Jaar

2017