Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

ZoönosenRegionaal & InternationaalInternationaal

Cijfers & Context

23.500 mensen met erythema migrans door tekenbeet

Regionaal & Internationaal

Grootste uitbraak Q-koorts was in Nederland

Kosten

Preventie & Zorg

Vroegsignalering vastgelegd in zoönosestructuur

Internationale verschillen in ziekte van Lyme

De ziekte van Lyme komt in meer dan tachtig landen voor

Het verspreidingsgebied van teken, en daarmee de ziekte van Lyme, bevindt zich in Europa tussen de 35ste en 60ste breedtegraad (bijna heel Europa: van het zuiden van de Scandinavische landen tot Zuid-Spanje en Zuid-Italië). In Noord-Amerika komen teken voor tussen de 30ste en 55ste breedtegraad. In Afrika en Azië komt de ziekte van Lyme alleen voor in de noordelijke gebieden. De Ixodes ricinus(schapenteek) komt doorgaans niet voor boven de 1000 meter hoogte voor, hoewel er een trend lijkt te bestaan dat ze steeds hoger worden waargenomen (Medlock et al., 2013LCI, 2013).

Meer informatie

Experts en redactie

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Medlock JM, Hansford KM, Bormane A, Derdakova M, Estrada-Peña A, George J-C, et al. Driving forces for changes in geographical distribution of Ixodes ricinus ticks in Europe. Parasit Vectors. 2013;6:1. Pubmed | DOI
  2. LCI. LCI-richtlijn Lymeziekte. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM); 2013. Bron

Internationale verschillen in diverse zoönosen

Grote internationale verschillen in vóórkomen zoönosen

Er zijn grote internationale verschillen in het vóórkomen van zoönosen. De meeste zoönosen komen in Nederland maar weinig of zelfs helemaal niet voor. Een voorbeeld van een zoönose, die in het buitenland veel voorkomt, maar niet of nauwelijks in Nederland is rabiës (hondsdolheid). Daarnaast zijn er zoönoseverwekkers die al jaren in de ons omringende landen voorkomen en recent ook in Nederland humane ziektegevallen veroorzaken, zoals tularemie (hazenpest) en echinokokkose (vossenlintworm).

Incidentie Campylobacteriose onder EU-gemiddelde

Een zoönose die relatief veel voorkomt in Nederland is Campylobacteriose. De incidentie van Campylobacter-infecties in Nederland ligt onder het gemiddelde van de Europese Unie (EU). Salmonella-infecties komen in Nederland relatief weinig voor vergeleken met de overige EU-landen (EFSA, 2010).

Grootste uitbraak Q-koorts in Nederland

Voor zover er gegevens bekend zijn, verschilt de incidentie van Q-koorts behoorlijk in verschillende landen van de EU en ook in de VS. De uitbraak in Nederland is waarschijnlijk de grootste uitbraak van Q-koorts tot nu toe. Daarnaast komt Q-koorts relatief veel voor in Zuid-Frankrijk en Spanje. Het is daar de tweede meest voorkomende oorzaak van buiten het ziekenhuis opgelopen longontstekingen en het veroorzaakt 5-8% van de endocarditis gevallen. In Engeland worden jaarlijks ongeveer honderd gevallen van Q-koorts gemeld. In Amerika, waar Q-koorts meldingsplichtig is, komt het aantal meldingen niet boven de 200 per jaar uit. Wel zijn er sinds 2003 meer dan tweehonderd gevallen van acute Q-koorts gemeld onder Amerikaanse militairen die gelegerd waren in Irak (Cleveland, 2013).

Meer informatie

Experts en redactie

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. EFSA. Scientific Opinion on Q fever. Parma, Italy: European Food Safety Authority; 2010. Bron
  2. Cleveland KO. Q-fever. Medscape; 2013. Bron

Verantwoording

Definities
  • Een zoönose is een infectieziekte van dier op mens

    Een zoönose is een infectieziekte die van dier op mensen kan overgaan. Er zijn ongeveer honderd ziekteverwekkers, waarvan ongeveer zeventig procent via dieren op mensen kan worden overgedragen. Zoönosen kunnen veroorzaakt worden door bacteriën, virussen, parasieten en schimmels. Allerlei dieren kunnen ziekteverwekkers bij zich dragen waar mensen ziek van kunnen worden, zoals landbouwhuisdieren (kippen, varkens, koeien, geiten), wilde dieren (hazen, wilde zwijnen) of huisdieren (honden, katten). Bij een zoönose kunnen dieren er soms ook ziek van worden, maar dat hoeft niet. Zo dragen kippen vaak Campylobacter of Salmonella bij zich zonder een enkel ziekteverschijnsel.

    Infectieziekten die alleen bij dieren voorkomen, zoals varkenspest, of infectieziekten die van mens op mens worden overgedragen, zoals mazelen, zijn geen zoönosen. Ook infectieziekten die via een insect of teek (vector) van mens op mens worden overgedragen, zoals malaria via de malariamug, worden niet tot de zoönosen gerekend.

  • Overdracht van dier op mens via diverse routes

    Er zijn verschillende manieren waarop iemand een zoönose kan oplopen. De besmetting vindt dus plaats via de orale route, via inademing of via (wondjes op) de huid. De belangrijkste routes zijn:

    • via inname van besmet voedsel (vlees, eieren, melk) of water;
    • via direct contact met geïnfecteerde dieren;
    • via direct contact met besmet dierlijk materiaal (bijvoorbeeld abortusmateriaal of mest;
    • via inademen van dierlijke ziekteverwekkers (bijvoorbeeld stofdeeltjes in stal);
    • via vectoren, zoals muggen of teken.
  • Lyme wordt overgedragen via een tekenbeet

    Teken zijn kleine spinachtige beestjes die van bloed leven. Teken komen in het hele land voor, in bos, park, hei, duinen of in de tuin. Ze zitten in struiken, in (hoog) gras of tussen dode bladeren. Teken kruipen op dieren of mensen en bijten zich vast in de huid. Door het zuigen van bloed zwelt een teek op. De meeste mensen worden gebeten tussen maart en oktober.

    De ziekte van Lyme wordt ook wel lymeborreliose genoemd, omdat het veroorzaakt wordt door de borrelia-bacterie. Ongeveer één op de vijf teken is besmet met de lymebacterie. Elk jaar worden meer dan een miljoen mensen door een teek gebeten. De meeste mensen worden daarna niet ziek. Hoe eerder de teek wordt verwijderd, hoe kleiner de kans dat de lymebacterie wordt overgebracht. De gemiddelde kans op de ziekte van Lyme na een tekenbeet wordt geschat op 1-3%.

    Het meest voorkomende signaal van de ziekte van Lyme is erythema migrans, een rode of blauwachtige vlek op de plaats van de tekenbeet. De vlek kan ringvormig zijn, maar is dat niet altijd. De vlek verschijnt meestal binnen twee weken na de beet, maar soms pas na drie maanden. Soms raken mensen besmet zonder dat ze een rode ring of vlek hebben gezien. Als de lymebacterie in het lichaam blijft, veroorzaakt hij in eerste instantie griepachtige verschijnselen. Deze klachten ontstaan meestal binnen 3 maanden. Als de ziekte niet wordt opgemerkt, kunnen later neurologische, gewrichts-, huid- of hartklachten ontstaan. De klachten verschillen per persoon. De ziekte van Lyme is te behandelen met antibiotica. Hoe eerder de ziekte wordt opgemerkt, hoe beter de behandeling zal aanslaan.

  • Geiten en schapen dragen Q-koorts over op de mens

    Q-koorts kan van verschillende dieren afkomstig zijn, geiten en schapen zijn de meest bekende. Zo speelden geïnfecteerde geiten een belangrijke rol tijdens een grote uitbraak onder mensen in de periode 2007-2012. Het inademen van besmette stofdeeltjes is de voornaamste oorzaak van besmetting. Het stof is afkomstig van stallen, mest, weilanden, ruwe wol, huiden, kleding, et cetera. De bacterie die Q-koorts veroorzaakt (Coxiella burnetii) kan lang overleven in het milieu en via stof over enkele kilometers getransporteerd worden. Dit speelt mee in het risico op infectie. Een andere belangrijke besmettingsbron is rechtstreeks contact met bacteriën uit de lichaamsvochten van geïnfecteerde dieren (vooral vruchtwater en mogelijk ook traanvocht, urine, slijm, speeksel en melk). Vooral tijdens het kalven of lammeren kunnen dieren grote hoeveelheden bacteriën uitscheiden. Tot slot is ook besmetting mogelijk door consumptie van besmette rauwe melk(-producten) of onvoldoende verhit vlees, maar dit komt slechts sporadisch voor (EFSA, 2010d).