Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

Ziekte van ParkinsonCijfers & ContextOorzaken en gevolgen

Cijfers & Context

49.400 patiënten met parkinsonisme

Regionaal & Internationaal

Regionale verschillen sterfte ziekten zenuwstelsel

Kosten

Kosten van zorg 267 miljoen euro in 2011

Preventie & Zorg

Aantal klinische opnamen en opnameduur afgenomen

Oorzaken ziekte van Parkinson

Determinanten nog grotendeels onbekend

De ziekte van Parkinson is een progressief verlopende aandoening. De determinanten van de ziekte van Parkinson zijn nog grotendeels onbekend. Wel is bekend dat een groot deel van de problemen veroorzaakt wordt door een tekort aan de chemische stof dopamine in de hersenen. Dit tekort ontstaat door het afsterven van dopamine producerende (dopaminerge) zenuwcellen in de zwarte kernen (substantia nigra) in de hersenen (Draijer et al., 2011; Wirdefeldt et al., 2011; Beitz, 2014; Song & Kim, 2016; ParkinsonNet, 2018). Door het afsterven van deze zenuwcellen ontstaan de verschillende symptomen die de ziekte van Parkinson kenmerken (zie gevolgen).

Verschillende risicofactoren ziekte van Parkinson

Waarom de hersencellen in de zwarte kernen afsterven is nog niet precies bekend. Mogelijke risicofactoren die hierbij een rol kunnen spelen zijn onder andere:

Het aandeel van deze genetisch bepaalde varianten wordt geschat op slechts 10% van alle ziektegevallen. In de overige gevallen wordt de aandoening beschouwd als een gevolg van een wisselwerking tussen diverse risicofactoren (Wirdefeldt et al., 2011ParkinsonNet, 2018). Daarnaast zijn er mogelijk ook nog andere risicofactoren maar het bewijs hiervoor is minder sterk (Wirdefeldt et al., 2011Beitz, 2014; Ascherio & Schwarzschild, 2016).

Meer informatie

Experts en redactie

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Draijer LW., Eizenga WH., Sluiter A. NHG-Standaard Ziekte van Parkinson. Vol 2018.; 2011. Bron
  2. Wirdefeldt K, Adami H-O, Cole P, Trichopoulos D, Mandel J. Epidemiology and etiology of Parkinson's disease: a review of the evidence. Eur J Epidemiol. 2011;26 Suppl 1:S1-58. Pubmed | DOI
  3. Beitz JM. Parkinson's disease: a review. Front Biosci (Schol Ed). 2014;6:65-74. Bron | Pubmed
  4. Song J., Kim J. Degeneration of Dopaminergic Neurons Due to Metabolic Alterations and Parkinson’s Disease. Front Aging Neurosci.. 2016;(30 march). Bron
  5. ParkinsonNet. Over de ziekte van Parkinson.; 2018. Bron
  6. Reeve A, Simcox E, Turnbull D. Ageing and Parkinson's disease: why is advancing age the biggest risk factor? Ageing Res Rev. 2014;14:19-30. Pubmed | DOI
  7. Chin-Chan M, Navarro-Yepes J, Quintanilla-Vega B. Environmental pollutants as risk factors for neurodegenerative disorders: Alzheimer and Parkinson diseases. Front Cell Neurosci. 2015;9:124. Pubmed | DOI
  8. Ascherio A, Schwarzschild MA. The epidemiology of Parkinson's disease: risk factors and prevention. Lancet Neurol. 2016;15(12):1257-1272. Pubmed | DOI

Gevolgen ziekte van Parkinson

Symptomen leiden tot ernstige invaliditeit

De symptomen van de ziekte van Parkinson hebben verstrekkende gevolgen voor het dagelijks functioneren van de patiënt. In onderstaande tabel staan verschillende stoornissen die mogelijk voor kunnen komen. Daarnaast kunnen symptomen ook ontstaan door langdurig gebruik van medicatie of na het starten van (een nieuwe dosis) medicatie (Draijer et al., 2011). Uiteindelijk leidt de ziekte van Parkinson tot ernstige invaliditeit:

Stoornis

Aandoeningsgerelateerd

(mogelijk) Medicatiegerelateerd

Motorische stoornissen

  • Bradykinesie (traagheid in bewegen)
  • Rigiditeit (stijfheid)
  • Rusttremor (onwillekeurige, ritmische bewegingen)
  • Instabiliteit in houding- en balans

In een gevorderd stadium van de ziekte:

  • Frequent vallen
  • Slikstoornissen (gevolg; gewichtsverlies, kwijlen, of longontsteking)
  • Hypotensie
  • Dyskinesie (ongewilde bewegingen)
  • Responsfluctuaties (schommelingen in de reactie op dopaminerge medicatie)

Psychische en cognitieve stoornissen

  • Depressie
  • Psychotische symptomen
  • Angst
  • Apathie 
  • Verwardheid
  • Hallucinaties
  • Agitatie
  • Depressie
  • Impulscontrolestoornis

Stoornissen van het autonome zenuwstelsel

  • Obstipatie
  • Incontinentie
  • Erectiele disfunctie
  • Hypotensie
  • Overmatig zweten

Zie aandoeningsgerelateerd

Slaapstoornissen

  • Hypersomnolentie
  • REM-slaapstoornis
  • Restlesslegssyndroom
  • Nycturie (’s nachts vaak plassen)

Zie aandoeningsgerelateerd

Overige

  • Verminderd reukvermogen
  • Pijnklachten
  • Vermoeidheid

Bron: Draijer et al., 2011

Experts en redactie

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Draijer LW., Eizenga WH., Sluiter A. NHG-Standaard Ziekte van Parkinson. Vol 2018.; 2011. Bron

Verantwoording

Definities
  • Ziekte van Parkinson

    Bij de ziekte van Parkinson vindt er een progressief verlies plaats van zenuwcellen in de substantia nigra die de neurotransmitter dopamine produceren. Het tekort aan dopamine leidt tot kenmerkende motorische symptomen, waaronder beven, stijfheid, bewegingsvertraging en een gestoorde houdingsbalans. Vroeger of later in het ziekteverloop kunnen autonome functiestoornissen (zoals obstipatie en incontinentie) en psychische stoornissen (zoals stemmings- en angststoornissen en dementie) optreden. Van genezing van de ziekte van Parkinson is geen sprake.

    Ziekte van Parkinson is een primair parkinsonisme

    Er zijn primaire en secundaire parkinsonismen. Primaire parkinsonismen worden veroorzaakt door een neurodegeneratieve aandoening. Vormen zijn:

    • De ziekte van Parkinson, onder te verdelen in de familiaire (zeldzaam in Nederland) of idiopathische vorm van de ziekte van Parkinson.
    • Atypische primaire parkinsonismen, die een gevolg zijn van andere (neurodegeneratieve) aandoeningen van de hersenen; bijvoorbeeld multipele systeem atrofie (MSA) en progressieve supranucleaire parese (PSP).

    De behandelingsmogelijkheden, het beloop en de levensverwachting van de ziekte van Parkinson zijn duidelijk beter dan voor atypische parkinsonismen (Bloem et al., 2010; Wolters & van Laar, 2003).

    Bij secundair parkinsonisme gaat het vooral om parkinsonisme door een externe oorzaak; bijvoorbeeld medicamenteus, toxinen, infectieus, metabool en structureel.

    Diagnostiek gebaseerd op klinisch beeld

    De diagnose ziekte van Parkinson wordt gesteld op basis van het klinische beeld. Belangrijke waarnemingen zijn een eenzijdig begin van het beven en de bewegingsvertraging, een ontbreken van andere neurologische symptomen en een gunstige reactie op een proefbehandeling met het middel L-dopa. L-dopa is een tussenproduct in de aanmaak van dopamine in het lichaam. Kernsymptomen zijn beven, stijfheid, bewegingsvertraging en een gestoorde houdingsbalans.

    Behandeling gericht op symptoombestrijding

    De behandeling van de ziekte van Parkinson is nog niet gericht op genezing (curatief), maar op symptoombestrijding. Sinds 1967 staat het geneesmiddel L-dopa daarin centraal. De afgelopen decennia zijn verschillende dopamineagonisten (geneesmiddelen die de werking van dopamine bevorderen) geïntroduceerd. De dopaminerge therapie heeft tot een verbetering van de levensverwachting en de kwaliteit van leven geleid. De levensverwachting is echter nog wel korter dan die van de algemene bevolking (Beyer et al., 2001; Fall et al., 2003). 

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Bloem BR, van Laar T, Keus SHJ, de Beer H, Buskens E, Aarden W. Multidisciplinaire richtlijn ziekte van Parkinson. Alphen a/d Rijn: Van Zuiden Communications; 2010. Bron
    2. Wolters ECH, van Laar T. Bewegingsstoornissen. Amsterdam: VU Uitgeverij; 2003. GoogleScholar
    3. Beyer MK, Herlofson K, Arsland D, Larsen JP. Causes of death in a community-based study of Parkinson's disease. Acta Neurol Scand. 2001;103(1):7-11. Pubmed
    4. Fall P-A, Saleh A, Fredrickson M, Olsson J-E, Granérus A-K. Survival time, mortality, and cause of death in elderly patients with Parkinson's disease: a 9-year follow-up. Mov Disord. 2003;18(11):1312-6. Pubmed | DOI
Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over ziekte van Parkinson

    Bron

    Indicator in VZinfo

    Gepresenteerde populatie VZinfo

    Meer informatie

    NIVEL Zorgregistraties eerste lijn

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    NZR

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Aantal sterfgevallen

    Nederlandse bevolking

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    FaMe-net

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen, aandeel ziekte van Parkinson van totaal

    Nederlandse bevolking

    FaMe-net

    Registratienet Huisartspraktijken Limburg (RNH-Limburg)

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    RNH-Limburg

    Landelijke Medische Registratie (LMR)

    Klinische opnamedagen, klinische opnamen, gemiddelde opnameduur met ziekte van Parkinson hoofdontslagdiagnose

    Nederlandse bevolking

    LMR

    Kosten van Ziektenstudie

    Kosten van zorg voor ziekte van Parkinson

    Nederlandse bevolking

    Kosten van Ziekten

  • Automatisch coderen bij CBS-doodsoorzakenstatistiek

    Met ingang van het statistiekjaar 2013 codeert het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) doodsoorzakenformulieren automatisch met behulp van het softwarepakket IRIS. Dit is een verschil met voorgaande jaren waarin doodsoorzakenformulieren handmatig werden verwerkt. Automatische codering brengt een betere internationale vergelijkbaarheid en reproduceerbaarheid van de gegevens met zich mee. Het veroorzaakt echter ook verschuivingen in doodsoorzaken. Daardoor zijn de sterftecijfers vanaf het jaar 2013 niet altijd goed vergelijkbaar met sterftecijfers uit eerdere jaren. Voor meer informatie over het automatisch coderen verwijzen wij naar vier artikelen van het CBS:

    • Het automatisch coderen van doodsoorzaken. Een nieuwe werkwijze bij de doodsoorzakenstatistiek (Harteloh et al., 2014)
    • Verschuivingen in de doodsoorzakenstatistiek bij de introductie van het automatisch coderen (Harteloh, 2014)
    • Van handmatig naar automatisch coderen van doodsoorzaken. Een bridge coding study (Harteloh, 2015)
    • Veranderingen in de doodsoorzakenstatistiek 2012-2013 (Harteloh, 2016)

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Harteloh PPM, van Hilten O, Kardaun JWPF. Het automatisch coderen van doodsoorzaken. Een nieuwe werkwijze bij de doodsoorzakenstatistiek. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2014. Bron
    2. Harteloh PPM. Verschuivingen in de doodsoorzakenstatistiek bij de introductie van het automatisch coderen. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2014. Bron
    3. Harteloh PPM. Van handmatig naar automatisch coderen van doodsoorzaken. Een bridge coding study. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2015. Bron
    4. Harteloh PPM. Veranderingen in de doodsoorzakenstatistiek 2012-2013. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2016. Bron
Methoden
  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.