Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

ZiekenhuiszorgCijfers & ContextTrend gebruik

Cijfers & Context

Nederland telt 79 ziekenhuisorganisaties

Regionaal & Internationaal

Afstand tot ziekenhuis het grootst in het noorden

Kosten

Stijging kosten ziekenhuiszorg vlakt af

Zorgprestaties

Prestatie-indicatoren voor de ziekenhuiszorg

Trend in ligduur

De gemiddelde ligduur in Nederlandse ziekenhuizen daalt

Het aantal ziekenhuisopnamen neemt toe, maar het aantal dagen dat men opgenomen is, de ligduur, neemt af. De gemiddelde ligduur daalde van 8,5 dagen in 2000 tot 5,2 dagen in 2012 (OECD, 2016). De daling deed zich voor bij vrijwel alle aandoeningen en was het grootst bij mensen met dementie en alzheimer, cerebrovasculaire aandoeningen of heupfractuur (OECD, 2016).

Daling ligduur door innovatie en substitutie

De daling in ligduur wordt mede veroorzaakt door de introductie van nieuwe behandelingen, zoals minimaal-invasieve-chirurgie, het stroomlijnen van zorgprocessen via klinische zorgpaden en substitutie van zorg van de tweede naar de eerste en anderhalve lijn (van den Berg et al., 2014).

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. van den Berg MJ, de Boer D, Gijsen R, Heijink R, Limburg LCM, Zwakhals L. Zorgbalans 2014. De prestaties van de Nederlandse gezondheidszorg. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM; 2014. Bron

Trend in dagopnamen en klinische opnamen

Trend in aantal dagopnamen en klinische opnamen, 1993-2012

DagopnamenKlinische opnamenTotaal
1993531,791558,0632089,853
1994590,1951588,0662178,26
1995647,2641575,2842222,548
1996697,5891577,2822274,871
1997742,5891566,5922309,18
1998794,2911538,0742332,365
1999836,1091509,9422346,051
2000884,2581469,8062354,064
2001981,3931458,7542440,147
20021105,7331510,2412615,974
20031214,0051568,9632782,968
20041344,4871649,2092993,696
20051437,0591693,1333130,192
20061567,681740,2843307,964
20071688,8731783,5743472,447
20081804,5311843,0093647,54
20091941,581906,9653848,545
20102074,5061975,4684049,974
20112227,6942031,4674259,161
2012*2330,0651979,6434309,708

2012 voorlopige cijfers

Aantal ziekenhuisopnamen gestegen

Het totaal aantal ziekenhuisopnamen is in de periode 1993-2012 meer dan verdubbeld, van 2.089.850 tot 4.309.700. De stijging doet zich vooral voor sinds 2001 en is grotendeels toe te schrijven aan een stijging in het aantal dagopnamen. Ook het aantal klinische opnamen nam in deze periode toe, maar de stijging is geringer en minder consistent; in de tweede helft van de jaren negentig en in 2012 daalde dit aantal zelfs iets. In 2012 lijkt er een verandering op te treden, wat betreft de groei van het aantal opnamen (DHD & Panteia, 2016; NVZ, 2013). Het aantal dagopnamen steeg minder snel dan de jaren ervoor en het aantal klinische opnamen nam licht af zowel in algemene als in academische ziekenhuizen (DHD & Panteia, 2016). 

Aandeel klinische opnamen neemt af, aandeel dagopnamen neemt toe

Een steeds groter deel van alle ziekenhuisopnamen wordt uitgevoerd in dagopname. In 1993 was dit aandeel 25% en in 2012 54%. Sinds 2009 is het aandeel opnamen in dagbehandeling groter dan het aandeel klinische opnamen. Er zijn diverse factoren die ten grondslag liggen aan de verschuiving van klinische opnamen naar dagopnamen. Er zijn financiële overwegingen, een dagopname is goedkoper dan een klinische opname, en door veranderingen in behandeling en innovaties, zoals minimaal-invasieve chirurgie kunnen operaties in dagbehandeling worden uitgevoerd en is verblijf in het ziekenhuis niet altijd meer noodzakelijk. 

Meer informatie

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. DHD, Panteia. Kengetallen Nederlandse Ziekenhuizen 2014. Utrecht: DHD; 2016. Bron
  2. NVZ. Zorg loont. Brancherapport algemene ziekenhuizen 2013. Utrecht: Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen; 2013. Bron

Trend in ziekenhuisopnamen voor drie chronische aandoeningen

Toename ziekenhuisopnamen voor astma en COPD, afname voor hartfalen en diabetes

Het aantal ziekenhuisopnamen voor astma en COPD is in de periode 2006 – 2011 toegenomen. Deze stijging kan vooral toegewezen worden aan een toename van het aantal ziekenhuisopnamen voor astma. Het aantal ziekenhuisopnamen voor diabetes en hartfalen daalde in deze periode. Bij diabetes is de daling van het aantal opnamen vooral toe te schrijven aan een sterke afname van het aantal klinische opnamen. Weliswaar steeg het aantal dagopnamen voor diabetes, maar deze stijging was veel geringer.  

Experts en redactie

Verantwoording

Definities
  • DBC-traject

    Een DBC-traject is een zorgpakket met alle onderdelen van een behandeling die een patiënt in een ziekenhuis of zelfstandig behandelcentrum (ZBC) krijgt voor een bepaalde aandoening. Indien een patiënt meerdere aansluitende DBC-trajecten ondergaat voor dezelfde primaire aandoening, is er sprake van een 'zorgtraject', bestaande uit meerdere DBC's. Op de kaarten voor ziekenhuiszorg geven we aantallen DBC-trajecten weer, omdat binnen die registratie DBC's (nog) niet betrouwbaar aan een zorgtraject van een patiënt zijn te koppelen. In de GGZ is dat wel mogelijk, en geven we complete zorgtrajecten weer.

Bronverantwoording
Methoden
  • Databewerking regionale gegevens door het RIVM

    Het gebruik van medisch-specialistische zorg in ziekenhuizen en van geestelijke gezondheidszorg (GGZ) in Nederland is in kaart gebracht met behulp van Diagnose Behandeling Combinaties (DBC-trajecten of DBC's). De oorspronkelijke data met betrekking tot medisch-specialistische zorg in ziekenhuizen bestaat uit een overzicht van het aantal DBC-trajecten en de bijbehorende kosten (uitgesplitst naar ziekenhuis- en honorariumkosten) per vierpositie postcode, naar leeftijd (21 klassen) en geslacht. Tevens is er een onderscheid naar specialisme, type zorgaanbieder, zorgtype en individuele instelling/zorgaanbieder (middels de AGB-code).

    DBC-data zijn beschikbaar vanaf 2005, maar in de jaren 2005-2009 zijn de achtergrondkenmerken (vierpositie postcode, leeftijd, geslacht) niet volledig beschikbaar, waardoor deze jaren niet geschikt zijn voor ruimtelijke analyse. In de Nationale Atlas Volksgezondheid is het gegevensjaar 2010 gebruikt, in dit jaar is het verlies door onvolledige of onjuiste codering minder dan 0,5% van het aantal trajecten.

    De data is geaggregeerd van vierpositie postcode naar gemeenteniveau (situatie 2013) en gekoppeld aan een middenjaarschatting (MJS) van de bevolking. Deze MJS is een benadering van de gemiddelde omvang van de bevolking in het jaar en wordt berekend door het gemiddelde te nemen van de bevolking op 1 januari 2010 en 1 januari 2011. Vervolgens zijn met de bevolkingsgegevens de relatieve aantallen DBC-trajecten en kosten berekend.

    Om te corrigeren voor de invloed van een verschillende bevolkingssamenstelling (leeftijd en geslacht) is ook een direct gestandaardiseerd cijfer berekend, zichtbaar als achtergrondkaart. Daardoor zijn de gemeenten beter onderling te vergelijken dan met de ruwe gegevens alleen. Directe standaardisatie wordt berekend door het aantal DBC-trajecten per inwoner, naar leeftijd en geslacht, te wegen met het aandeel van deze leeftijds- en geslachtscategorie in de totale Nederlandse bevolking.

    De GGZ-DBC data wordt door het RIVM zonder verdere nabewerking overgenomen. De data is online verkrijgbaar via het CBS op Statline.

  • Regionale verschillen in reistijd naar dichtstbijzijnde zorgvoorziening

    Voor het bepalen van de reistijden per vierpositiepostcode gebied is gebruik gemaakt van de Drive Time Matrix (DTM) van Geodan. Deze matrix tabel bevat de reistijden en -afstanden over de weg tussen postcodes in Nederland op vierpositiepostcodeniveau. Hierbij is uitgegaan van de snelste route met de personenauto. 

  • Trend in kosten van ziekenhuiszorg naar prijs en volume

    De gemiddelde jaarlijkse groei is onder te verdelen in twee factoren: prijs en volume. De ontwikkelingen in prijs zijn toe te schrijven aan loonontwikkelingen en veranderingen in kostprijzen van goederen en diensten. Veranderingen in volume komen onder meer doordat de omvang en leeftijdsopbouw van de bevolking veranderen. Dit wordt ook wel demografische volumegroei genoemd. Het verschil tussen de totale volumegroei en de demografische volumegroei is de ‘overige volumegroei’. Onder overige volumegroei vallen veranderingen in bijvoorbeeld epidemiologie en technologie. Als de groei negatief is, betekent dit dat er een daling is opgetreden.

    De prijsontwikkeling in de tabel is gebaseerd op de sectorspecifieke prijsontwikkeling van het CBS. Voor ziekenhuiszorg is deze voor de jaren 2011-2015 nog niet beschikbaar. De prijsontwikkeling voor 2011-2015 is daarom gebaseerd op de prijsmutatie BBP uit de Middenlangetermijnverkenning van het CPB. Het CPB cijfer is een algemene prijsontwikkeling en geldt dus niet alleen voor ziekenhuiszorg. De CBS sectorspecifieke prijsontwikkeling kan hier van afwijken. 

    Het CPB geeft de jaarlijkse prijsontwikkeling. Op basis van de jaarlijkse prijsontwikkelingen is de prijsontwikkeling voor 2011-2015 berekend: 

    Prijsontwikkeling 2011-2015 = (prijsontwikkeling 2011 * prijsontwikkeling 2012 * prijsontwikkeling 2013 * prijsontwikkeling 2014) ^ (1/4)