Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

Vroeggeboorte en laag geboortegewichtCijfers & ContextSterfte

Cijfers & Context

7% van de baby's te vroeg geboren

Regionaal & Internationaal

Grote variatie aantal vroeggeboorten in EU-landen

Kosten

Kosten van zorg 176 miljoen euro in 2015

Preventie & Zorg

Gezondheid vóór zwangerschap belangrijk

Sterfte naar zwangerschapsduur

Sterfte naar zwangerschapsduur in 2016

Perinatale sterfte (promillage)Perinatale sterfte (aantal)
22-23.6979,3425
24-25.6480,7137
26-31.6104,1164
32-36.617,3161
37-41.61,8281
≥ 42.03,07
Totaal ≥ 227,31231

Bron: Perined, 2018 afkomstig van Perined

  • Absolute aantallen alleen zichtbaar in de tabel lay-out
  • Zwangerschapsduur wordt genoteerd door middel van het aantal weken en dagen, gescheiden door een punt. Een zwangerschapsduur van 30.6 betekent bijvoorbeeld een zwangerschapsduur van 30 weken en 6 dagen. 
  • Perinatale sterfte (28d): Aantal doodgeborenen na een zwangerschapsduur van 22 weken of meer (foetale sterfte) en sterfte in de eerste 28 dagen (laat neonatale sterfte); per 1.000 levend- en doodgeborenen.

Hogere sterfte bij kortere zwangerschapsduur

Hoe korter de zwangerschapsduur, hoe hoger de perinatale sterfte. Met iedere week dat de zwangerschap langer duurt, stijgt de kans op overleven. 

Drie kwart perinatale sterfte bij te vroeg geboren kinderen

Hoewel in 2016 maar 6,9% van alle kinderen geboren werd voor de 37ste zwangerschapsweek, maken zij 72% (887 van de 1.231 overleden kinderen) uit van alle kinderen die vóór of tijdens de eerste maand na de geboorte zijn overleden. Slechts 0,4% van alle kinderen komt extreem vroeg ter wereld, voor de 26ste week. Samen vormen zij bijna de helft (46%) van alle perinataal overleden kinderen. Van alle perinataal overleden kinderen werden er 425 (35%) geboren tussen de 22 en 24 weken, 137 (11%) kinderen bij  een zwangerschapsduur van 24 tot 26 weken en 164 (13%) bij 26 tot 32 weken zwangerschap. Van alle kinderen werd 5,5% geboren bij een zwangerschapsduur van 32 tot 37 weken, van hen overleden er 161, of wel 13% van alle perinataal overleden kinderen (Perined, 2018).

Belangrijkste doodsoorzaak hangt af van zwangerschapsduur

Bij de vroeg geboren kinderen tussen 31 en 36 weken zijn aangeboren afwijkingen en infecties de belangrijkste doodsoorzaken. Onder een zwangerschapsduur van 30 weken zijn extreme vroeggeboorte en daaraan gerelateerde ziekten zoals necrotiserende enterocolitis (NEC) en sepsis de voornaamste oorzaken (Verhagen, 2009).

Meer informatie

 

 

Datum publicatie

09-02-2018

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Perined. Perinatale Zorg in Nederland 2016. Utrecht: Perined; 2018. Bron
  2. Verhagen AAE. End-of-life decisions in Dutch neonatal intensive care units. Zutphen: Rijksuniversiteit Groningen; 2009. Bron

Sterfte naar geboortegewicht

Sterfte naar geboortegewicht in 2016

GeboortegewichtPerinatale sterfte (promillage)Perinatale sterfte (aantal)
Totaal < 500 gram935,5232
Totaal < 1000 gram572,8606
Totaal < 1500 gram339,5679
Totaal < 2500 gram82,9842
Totaal ≥ 2500 gram2,4389
Totaal ≥ 22 weken7,31231

Bron: Perined, 2018 afkomstig van Perined; gegevens bewerkt door het RIVM

  • Absolute aantallen alleen zichtbaar in de tabel lay-out.
  • Perinatale sterfte (28d): Aantal doodgeborenen na een zwangerschapsduur van 22 weken of meer (foetale sterfte) en sterfte in de eerste 28 dagen (laat neonatale sterfte); per 1.000 levend- en doodgeborenen.

Hogere sterfte bij lager geboortegewicht

Hoe lager het geboortegewicht, hoe hoger de perinatale sterfte. Vanaf 2500 gram is de perinatale sterfte niet meer verhoogd.

Ruim twee derde perinatale sterfte bij kinderen met laag geboortegewicht

Hoewel in 2016 van alle baby’s 5,9% een geboortegewicht lager dan 2500 gram had, maken zij 68% uit van alle kinderen die vóór, tijdens in de eerste maand na de geboorte zijn overleden (perinatale sterfte). Van de 1.231 kinderen die in 2016 perinataal zijn overleden, hadden er 842 (68%) een geboortegewicht beneden de 2500 gram. Van deze 842 kinderen wogen er 679 (55%) minder dan 1500 gram en 163 kinderen (13%) wogen tussen de 1500 en 2500 gram (Perined, 2018).

2500 gram bij de geboorte als maat voor te laag geboortegewicht

Een geboortegewicht van minder dan 2500 gram valt vanaf ongeveer 37-38 weken onder het tiende percentiel (P10) op de geboortegewichtcurve (Visser et al., 2009; PRN, 2017). Daarom wordt de grens van 2500 gram internationaal beschouwd als maat voor een te laag geboortegewicht. Een laag geboortegewicht voor de duur van de zwangerschap (onder het 10e percentiel voor zwangerschapsduur) is samen met aangeboren afwijkingen, vroeggeboorte en een slechte start bij de geboorte (Apgar-score bij geboorte van <7 na 5 minuten) verantwoordelijk voor 85% van de perinatale sterfte in Nederland (Bonsel et al., 2010).

Meer informatie

 

 

Datum publicatie

09-02-2018

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Perined. Perinatale Zorg in Nederland 2016. Utrecht: Perined; 2018. Bron
  2. Visser GHA, Eilers PHC, Elferink-Stinkens PM, Merkus HMWM, Wit JM. New Dutch reference curves for birthweight by gestational age. Early Hum Dev. 2009;85(12):737-44. Pubmed | DOI
  3. PRN. Geboortegewichtcurven. PRN-Werkgroep Referentiecurven. Utrecht: Perined; 2017. Bron
  4. Bonsel GJ, Birnie E, Denktaş S, Poeran JJ, Steegers EAP. Lijnen in perinatale sterfte. Signalementstudie Zwangerschap en Geboorte 2010. Rotterdam: Erasmus MC ; 2010. Bron

Trend in overlevingskans vroeggeboorte

Sterfte naar zwangerschapsduur onder levendgeborenen in 1983 en 2016

Zwangerschaps-duur in weken

Aantal levend-geborenen a (1983)

Percentage sterfte ≤ 28 dagen (1983)

Aantal levend-geborenen (2016)

Percentage sterfte ≤ 28 dagen (2016)

22

3

100

75

95

23

5

100

74

93

24

19

100

100

43

25

48

81

106

14

22-26

75

88

355

56

26-32

935

23

1465

4

totaal (22-32)

1010

28

1820

14

 

Bronnen: WBC-LNR, 1998; Perined, 2018; gegevens bewerkt door het RIVM

a De tabel toont de getelde aantallen; het geschatte totale aantal levendgeborenen tussen 22 en 32 weken is met 1.068 iets hoger dan het getelde aantal (WBC-LNR, 1998).

Overlevingskans voor vroeggeborenen is toegenomen

De overlevingskans voor kinderen geboren vóór de 32ste zwangerschapsweek is in Nederland in de laatste decennia toegenomen. In 1983 was 72% van hen na vier weken nog in leven, in 2016 was dit percentage gestegen naar 86%. De sterfte onder vroeggeborenen, geboren voor de 26ste zwangerschapsweek, daalde van 88% naar 56%. Onder kinderen geboren tussen 26 en 32 weken zwangerschap daalde de sterfte van 23 naar 4% (WBC-LNR, 1998; Perined, 2018). Verwijzing van de zwangere vrouw (< 32 weken zwanger) vóór de geboorte van het kind naar een ziekenhuis met een NICU-afdeling, de toediening van antenatale corticosteroïden, verbeteringen in beademingstechnieken en betere bewakingsmogelijkheden en verbeteringen in de zorg hebben tot deze grotere overlevingskansen geleid (Kollée et al., 1992; Kollée et al., 1998; NVOG, 2007).

Meer informatie

 

Datum publicatie

09-02-2018

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. WBC-LNR. Wetenschappelijke Begeleidingscommissie van de Landelijke Neonatale Registratie. Toename van het aantal vroeggeboorten in Nederland: vergelijking van 1983 tot 1993. Ned Tijdschr Geneeskd . 1998;142:127-131. Bron
  2. Perined. Perinatale Zorg in Nederland 2016. Utrecht: Perined; 2018. Bron
  3. Kollée LA, Brand R, Schreuder AM, Ens-Dokkum MH, Veen S, Verloove-Vanhorick SP. Five-year outcome of preterm and very low birth weight infants: a comparison between maternal and neonatal transport. Obstet Gynecol. 1992;80(4):635-8. Pubmed
  4. Kollée LA, den Ouden AL, Drewes JG, Brouwers HA, Verwey RA, Verloove-Vanhorick SP. Increase in perinatal referral to regional centers of premature birth in The Netherlands: comparison 1983 and 1993. Ned Tijdschr Geneeskd. 1998;142(3):131-4. Pubmed
  5. NVOG. Nota Verwijzing naar een perinatologisch centrum. Utrecht: Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG); 2007. Bron

Verantwoording

Definities
  • Vroeggeboorte

    Vroeggeboorte is geboorte vóór de 37ste zwangerschapsweek

    In VZinfo definiëren we een vroeggeboorte of prematuriteit als een geboorte (inclusief doodgeboorte) tussen de 22ste en 37ste complete zwangerschapsweek (259 dagen zwangerschapsduur). Van extreme vroeggeboorte is sprake bij een geboorte vóór de 26ste zwangerschapsweek (NVK/NVOG, 2010).

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. NVK/NVOG. Richtlijn Perinataal beleid bij extreme vroeggeboorte. Utrecht: Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG); 2010. Bron
  • Laag geboortegewicht

    Geboortegewicht beneden de 2500 gram is laag geboortegewicht

    Een te laag geboortegewicht is een gewicht onder het tiende percentiel (P10) op de geboortegewichtcurve bij de desbetreffende zwangerschapsduur. In internationale vergelijkingen wordt de grens van 2500 gram beschouwd als maat voor een te laag geboortegewicht en 1500 gram voor een veel te laag geboortegewicht. Vroeggeboorte gaat vaak samen met een laag geboortegewicht, maar ook op tijd (vanaf 37 weken) geboren kinderen kunnen een laag geboortegewicht hebben. Een geboortegewicht van minder dan 2500 gram valt vanaf ongeveer 37-38 weken onder het tiende percentiel (P10) (Visser et al., 2009; PRN, 2017).

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Visser GHA, Eilers PHC, Elferink-Stinkens PM, Merkus HMWM, Wit JM. New Dutch reference curves for birthweight by gestational age. Early Hum Dev. 2009;85(12):737-44. Pubmed | DOI
    2. PRN. Geboortegewichtcurven. PRN-Werkgroep Referentiecurven. Utrecht: Perined; 2017. Bron
  • Groeivertraging en 'small for gestational age'

    Te klein in verhouding tot zwangerschapsduur

    Van 'small for gestational age' (SGA) is sprake als een kindje in verhouding tot de zwangerschapsduur te klein is. Dit kan zich uiten in te kleine foetale maten of te laag geboortegewicht voor de zwangerschapsduur. Small for gestational age (SGA) en foetale groeivertraging (Intra-Uteriene Groei Retardatie (IUGR)) worden vaak als synoniem gebruikt, maar niet elk kind dat groeivertraagd is, is ook SGA en niet elk SGA-kind is groeivertraagd. Van foetale groeivertraging is sprake als een kind zijn eigen optimale geboortegewicht, zijn individuele groeipotentieel, niet heeft kunnen bereiken. Bij dit groeipotentieel speelt ook de aanleg van het kind een rol (Beentjes et al., 2013). 

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Beentjes M, de Roon-Immerzeel A, Zeeman K. KNOV-standaard Opsporing van foetale groeivertraging. Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV); 2013. Bron
Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over vroeggeboorte en een laag geboortegewicht

    Bron Indicator in VZinfo Gepresenteerde populatie VZinfo Meer informatie
    Perinatale registratie Vroeggeboorte, geboortegewicht, foetale sterfte naar zwangerschapsduur of geboortegewicht, neonatale sterfte naar zwangerschapsduur of geboortegewicht, NICU opnamen naar zwangerschapsduur of geboortegewicht Levend- en doodgeboren kinderen vanaf 22 weken zwangerschap
    Euro-Peristat Vroeggeboorte, geboortegewicht onder de 2500 gram Levendgeboren kinderen vanaf 22 weken zwangerschap Euro-Peristat Project, 2018
    Landelijke Medische Registratie Ziekenhuisopname bij vroeggeboorte en laag geboortegewicht  

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Perined. Perinatale Zorg in Nederland 2016. Utrecht: Perined; 2018. Bron
    2. Euro-Peristat Project. European Perinatal Health Report. Core indicators of the health and care of pregnant women and babies in Europe in 2015. .; 2018. Bron