Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

SterfteRegionaal & InternationaalInternationaal

Cijfers & Context

In 2019 overleden meer vrouwen dan mannen

Regionaal & Internationaal

Sterfte in Nederland gemiddeld in EU

Kosten

Preventie & Zorg

Internationale vergelijking sterfte

Sterfte internationaal 2017

LandMannenVrouwenTotaal
Bulgarije203413321631
Roemenië186212001488
Letland208911401485
Hongarije188611941470
Litouwen197310861418
Kroatië172911411382
Slowakije172810941353
Polen16559781256
Tsjechië156410111240
Estland17049161205
Cyprus12229481071
Duitsland12798501031
Slovenië13388251031
Denemarken12288591016
EU281246814998
Verenigd Koninkrijk1169854992
Griekenland1171835990
Portugal1283785989
NEDERLAND1159849978
België1198795963
Oostenrijk1179801960
Finland1227770960
Ierland1130816955
Malta1137777927
Zweden1089788916
Luxemburg1115769911
Noorwegen1064771894
Italië1096723875
Spanje1083665844
Frankrijk1093654838
Zwitserland1008691824

Bron: Eurostat, 2020

  • Volgorde op basis van totale sterfte (mannen en vrouwen samen).
  • Gestandaardiseerd naar de Europese standaardbevolking.

Totale sterfte mannen in Nederland relatief laag

De gestandaardiseerde sterfte bij mannen is in Nederland lager dan gemiddeld in de Europese Unie (EU). In de EU-landen die vanaf 2004 zijn toegetreden tot de EU is de sterfte veel hoger dan in de EU15-landen.

Sterfte vrouwen in Nederland in de middenmoot van de EU

De Nederlandse vrouwen horen wat betreft de (gestandaardiseerde) sterfte bij de middenmoot van de EU. De gestandaardiseerde sterfte voor Nederlandse vrouwen ligt iets boven het gemiddelde van de EU. Ook voor vrouwen zien we dat de sterfte in de nieuwe EU-landen beduidend ongunstiger is dan in de oude EU-landen (de voormalige EU15).

Meer informatie

Experts en redactie

Datum publicatie

24-03-2021

Bronnen en literatuur

Bronnen

  1. Eurostat, De statistische database van de Europese Unie. zorggegevens.nl

Verantwoording

Methoden
  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.

    Toetsing trends

    Toetsing van de trend heeft plaatsgevonden op ongestandaardiseerde data door middel van een logistische regressie, waarbij is gecorrigeerd is voor leeftijd en geslacht. Daarbij wordt getoetst of er een statistisch significante toe- of afname is met een significantieniveau (p-waarde) van 0,05. Vaak is onderscheid gemaakt naar trends in verschillende subpopulaties: mannen, vrouwen en leeftijdsgroepen. Daarnaast is getoetst of de trend voor mannen en vrouwen statistisch significant verschilt.
    De kans op het vinden van een toevallige significante uitkomst neemt toe met het aantal uitgevoerde toetsen. Om hiervoor te corrigeren is een Benjamini‐Hochberg‐correctie op de p‐waardes uitgevoerd.