Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

SterfteCijfers & ContextHuidige situatie

Cijfers & Context

In 2019 overleden meer vrouwen dan mannen

Regionaal & Internationaal

Sterfte in Nederland gemiddeld in EU

Kosten

Preventie & Zorg

Absolute sterfte naar leeftijd en geslacht

Absolute sterfte 2019

LeeftijdMannenVrouwenTotaal
0342275617
1-4544498
5-9252449
10-14382866
15-1913284216
20-24220109329
25-29233137370
30-34282184466
35-39392230622
40-44578391969
45-491.0377671.804
50-541.8231.3833.206
55-593.0282.2405.268
60-644.4063.3327.738
65-696.5004.65311.153
70-749.6766.98916.665
75-7911.0088.43119.439
80-8412.87111.80624.677
85-8912.44515.59928.044
90-947.13313.80720.940
95+2.2096.9409.149

In 2019 overleden 151.885 personen

In 2019 overleden in Nederland 151.885 personen, 74.432 mannen en 77.453 vrouwen. Dit komt overeen met 864 per 100.000 mannen en 887 per 100.000 vrouwen. In 2019 was de absolute sterfte voor mannen het hoogst in de leeftijdsklasse van 80 tot en met 84 jaar en voor vrouwen in de leeftijdsklasse van 85 tot en met 89 jaar. Op de leeftijd van 85 jaar en ouder stierven meer vrouwen dan mannen. De belangrijkste reden hiervoor was dat er in 2019 veel meer oudere vrouwen dan oudere mannen waren.

Meer informatie

Datum publicatie

11-09-2020

Relatieve sterfte naar leeftijd en geslacht

Relatieve sterfte 2019

LeeftijdMannenVrouwenTotaal
0395,5333,4365,2
1-415,213,014,1
5-95,35,45,4
10-147,86,06,9
15-1924,616,420,6
20-2439,920,430,3
25-2940,624,632,7
30-3451,334,142,8
35-3975,244,459,9
40-44113,376,194,7
45-49171,8126,3149,0
50-54283,5217,3250,6
55-59487,1361,6424,5
60-64799,3599,2698,8
65-691.319,4927,01.121,4
70-742.138,41.471,91.797,2
75-793.776,62.558,93.130,5
80-846.954,34.838,45.751,1
85-8913.320,99.767,111.078,7
90-9423.519,119.253,420.521,3
95+38.720,433.871,834.927,8

Op elke leeftijd hebben mannen een grotere sterftekans dan vrouwen

In 2019 hebben op alle leeftijden mannen een grotere kans om te overlijden dan vrouwen. Zowel bij mannen als vrouwen stijgt de sterftekans vanaf de puberteit exponentieel. De relatieve sterfte (sterfte per 100.000) komt overeen met de sterftekans.

Meer informatie

 

Datum publicatie

11-09-2020

Sterfteverhouding man-vrouw

Sterfteratio mannen versus vrouwen 2019

LeeftijdSterfteratio
01,2
1-41,2
5-91,0
10-141,3
15-191,5
20-242,0
25-291,7
30-341,5
35-391,7
40-441,5
45-491,4
50-541,3
55-591,3
60-641,3
65-691,4
70-741,5
75-791,5
80-841,4
85-891,4
90-941,2
95+1,1
  • Sterfteratio is de sterfte per 100.000 mannen gedeeld door de sterfte per 100.000 vrouwen

Sterftekans jonge mannen groter door ongevallen en zelfdoding

In de leeftijdsgroep 20 tot en met 24 jaar was in 2019 de sterftekans van mannen twee keer zo groot als die van vrouwen. Dit verschil komt vooral door een hogere sterfte door ongevallen en zelfdoding onder jonge mannen. De sterftekans van mannen in de leeftijdsgroep 65 tot en met 89 jaar was ongeveer anderhalf keer groter dan die van vrouwen in dezelfde leeftijdsgroep. Dit is vooral het gevolg van een hogere sterfte aan longkanker, coronaire hartziekten, beroerte en COPD onder mannen in die leeftijdsgroep.

Meer informatie

Datum publicatie

11-09-2020

Verantwoording

Methoden
  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.