Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

SlapenRegionaal & InternationaalInternationaal

Cijfers & Context

Slaapduur hangt samen met gezondheid

Regionaal & Internationaal

Vaak problemen met inslapen bij Nederlandse jeugd

Kosten

Preventie & Zorg

Internationale vergelijking problemen met in slaap vallen

Percentage jongeren dat problemen met in slaap komen rapporteert

Bij 15-jarigen
JongensMeisjesTotaal
Frankrijk304537
Zweden283933
België (Wallonië)253631
Luxemburg253430
Ierland173428
Engeland203326
Denemarken222926
Slovenië183125
Bulgarije203125
NEDERLAND173225
Polen173124
België (Vlaanderen)173323
Roemenië152923
HBSC-gemiddelde182823
Zwitserland172923
Tsjechië172722
Malta182722
Duitsland142821
Italië162621
Litouwen152620
Letland172320
Estland182220
Hongarije142520
Finland152319
Noorwegen132419
Portugal112518
Griekenland132117
Slowakije122217
Oostenrijk151817
Kroatië122016
Spanje121815
  • Volgorde op basis van totaal
  • Figuur presenteert cijfers voor EU-landen, Noorwegen en Zwitserland. Voor het Verenigd Koninkrijk alleen cijfers voor Engeland gepresenteerd. 

Nederlandse jongeren rapporteren vaak problemen met in slaap vallen

Het percentage Nederlandse jongeren dat vaker dan één keer per week problemen met in slaap vallen rapporteert is relatief hoog. Onder 15-jarigen geldt dat alleen voor de meisjes, maar onder 11- en 13-jarigen ook voor de jongens. In totaal heeft 25% van de Nederlandse 15-jarigen vaker dan één keer per week problemen met in slaap vallen. Het gemiddelde van de landen die deelnemen aan de Health Behaviour in School-Aged Children (HBSC)-studie is 23%. Onder 11- en 13-jarigen liggen de percentages voor Nederland nog iets hoger op respectievelijk 29% en 27%, terwijl het HBSC-gemiddelde voor die leeftijdsgroepen juist iets lager is (respectievelijk 19% en 21%) (zie tabel). In vrijwel alle landen en leeftijdsgroepen is het percentage meisjes dat problemen met in slaap vallen rapporteert hoger dan het percentage jongens (Inchley et al., 2016). 

Percentage jongeren dat problemen met in slaap komen rapporteert
  Nederland HBSC-gemiddelde
  Jongens Meisjes Totaal Jongens Meisjes Totaal
11 jaar 27 30 29 18 20 19
13 jaar 23 32 27 17 25 21
15 jaar 17 32 25 18 28 23

Bron: HBSC-studie 2013/14

Meer informatie

Experts en redactie

Datum publicatie

19-11-2018

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Inchley J, Currie D, Young T, Samdal O, Torsheim T, Augustson L, et al. Growing up unequal: gender and socioeconomic differences in young people’s health and well-being. Denemarken: World Health Organization; 2016. Bron

Verantwoording

Definities
  • Slaapduur en slaapkwaliteit

    In het onderwerp Slapen in Volksgezondheidenzorg komen twee aspecten van slapen aan de orde.

    1. Slaapduur is het zelf-gerapporteerde aantal uur dat iemand (gemiddeld) slaapt.
    2. Slaapkwaliteit geeft aan hoe goed iemand naar eigen oordeel slaapt. Hier zijn verschillende indicatoren voor. In Volksgezondheidenzorg.info is dit uitgewerkt door drie symptomen van slapeloosheid te belichten:
    • Moeite met inslapen
    • Moeite met doorslapen
    • Ongewenst vroeg wakker worden

    Daarnaast is de slaapprobleemindex gebruikt als indicator voor slaapkwaliteit (zie: Bronverantwoording).

  • Zelf-gerapporteerde leefstijl

    • Overgewicht: een Body Mass Index (BMI) ≥ 25 kg/m2
    • Obesitas: een Body Mass Index (BMI) ≥ 30 kg/m2
    • Onvoldoende bewegen: Niet voldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen. Hierbij is uitgegaan van de norm voor volwassenen (18 t/m 54 jaar). Het afkappunt is 3,5 uur per week voor gemiddeld tot zware activiteiten van 4.0 MET en hoger.
    • Veel zitten: >55 uur per week (bovenste kwartiel). Aantal uren zitten per week is bepaald door vragen over tijd die besteed wordt aan zitten met reizen, op werk of school, met lezen of studeren, televisie kijken, computeren, en andere zittende activiteiten bij elkaar op te tellen.
    • Roken: Roken van sigaretten
    • Overmatige alcoholconsumptie: ≥3 glazen per dag voor mannen; ≥2 glazen per dag voor vrouwen.
Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij cijfers over slapen

    Bron Indicator op VZinfo Gepresenteerde populatie in VZinfo Meer informatie
    Doetinchem Cohort Studie (DCS) Slaapduur, slaapkwaliteit Volwassenen van 40 tot 81 jaar DCS op Zorggegevens en website DCS, Methoden bij DCS
    Health Behaviour in School-Aged Children (HBSC) Study Vaker dan één keer per week problemen met in slaap vallen Europese scholieren van 15 jaar HBSC NederlandHBSC internationaalInchley et al., 2016

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Inchley J, Currie D, Young T, Samdal O, Torsheim T, Augustson L, et al. Growing up unequal: gender and socioeconomic differences in young people’s health and well-being. Denemarken: World Health Organization; 2016. Bron
  • Meta-analyse slaap Hersenstichting

    De cijfers over de slaapduur en slaapkwaliteit van Nederlanders komen uit een grootschalige meta-analyse in opdracht van de Hersenstichting, waarin de slaapgewoontes en slaapproblemen van de Nederlandse bevolking in kaart zijn gebracht. In deze meta-analyse hebben onderzoekers van Erasmus MC en het Nederlands Herseninstituut slaapdata van 135.519 Nederlanders uit 34 Nederlandse bevolkingsonderzoeken van de afgelopen 25 jaar in een gezamenlijke database opgenomen en bestudeerd. Meer informatie over de dataverzameling en deelnemende studies is beschreven in een factsheet.

  • Rapport ‘Schermgebruik en blauwlicht’

    Informatie over de relatie tussen schermgebruik en slaap is afkomstig uit RIVM rapport ‘Schermgebruik en blauwlicht. Omvang van blootstelling en relatie met slaap’ (van Kerkhof et al., 2017). Voor de analyses over schermgebruik en slaap zijn gegevens uit twee Nederlandse cohorten gebruikt: EPIC-NL en AMIGO.

    Slaapduur is de gemiddelde zelf-gerapporteerde duur van de slaap in de afgelopen vier weken.
    Slaapkwaliteit is gemeten met de slaapprobleemindex (Sleep problem index II), die is samengesteld uit negen vragen die onderdeel zijn van een gestandaardiseerde vragenlijst (Smith & Wegener, 2003). Hierin worden verschillende domeinen van slaapkwaliteit bevraagd: verstoring, adequaatheid, ademhalingsproblemen en slaperigheid overdag.

    Effecten van het gebruik van lichtgevende schermen op slaapduur en slaapkwaliteit zijn geanalyseerd met lineaire – en logistische regressiemodellen.

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. van Kerkhof LWM, Vlaanderen JJ, Berkhout AJC, Dollé MET, Vermeulen RCH, van Steeg H. Schermgebruik en blauw licht : Omvang van blootstelling en relatie met slaap. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu; 2017. Bron
    2. Smith MT, Wegener ST. The Insomnia Severity Index, Medical Outcomes Study (MOS) Sleep Scale, Pittsburgh Sleep Diary (PSD), and Pittsburgh Sleep Quality Index (PSQI). Arthritis Rheum. 2003;15. Bron
Methoden
  • Samenhang slaapduur en slaapproblemen met overige leefstijlfactoren

    Tabel: Samenhang slaapduur en slaapproblemen met overige leefstijlfactoren
    Bij 40-81-jarigen

     

    Slaapduur (OR en bi)

    Slaapkwaliteit (OR en bi)

    Leefstijl

    Kort
    ≤ 6 uur per nacht)

    Lang
    (
    ≥ 9 uur per nacht)

    Moeite met in slaap komen

    Moeite met doorslapen

    Vroeger wakker worden dan gewenst

    Overgewicht

    1,26
    (1,05-1,51)

    0,86
    (0,62-1,18)

    1,04
    0,82-1,32)

    1,04
    0,84-1,28)

    0,94
    0,77-1,14)

    Obesitas

    1,33
    (1,05-1,67)

    1,10
    (0,76-1,61)

    1,12
    0,85-1,49)

    1,10
    0,85-1,42)

    1,08
    0,85-1,38)

    Onvoldoende actief

    1,21
    (1,01-1,46)

    1,85
    (1,36-2,50)

    1,53
    1,22-1,93)

    1,30
    1,05-1,60)

    1,19
    0,97-1,45)

    Veel zitten

    1,15
    (0,95-1,38)

    0,87
    (0,60-1,27)

    1,15
    0,88-1,49)

    0,96
    0,76-1,21)

    0,94
    0,75-1,17)

    Roken

    1,01
    (0,82-1,24)

    1,37
    (0,96-1,95)

    1,10
    0,84-1,44)

    0,66
    0,50-0,87)

    0,91
    0,72-1,16)

    Overmatige alcohol consumptie

    1,02
    (0,79-1,32)

    1,18
    (0,78-1,32)

    0,84
    0,58-1,19)

    1,19
    0,89-1,59)

    0,97
    0,73-1,29)

     

    Bron: Doetinchem Cohort Studie, vijfde meetronde (2008-2012)

    Toelichting

    • OR = odds-ratio; bi =  betrouwbaarheidsinterval. 
    • Voor dikgedrukte schattingen is het effect significant (α=5%).
    • OR’s zijn gecorrigeerd voor geslacht, leeftijd, opleidingsniveau, burgerlijke staat, werkstatus en alle overige leefstijlfactoren.

    Bronnen en literatuur

    Bronnen

    1. Doetinchem Cohort Studie, DCS. zorggegevens.nl
  • Methoden bij Doetinchem Cohort Studie

    Voor de samenhang tussen slaap en andere leefstijlfactoren zijn gegevens van 3984 volwassenen tussen de 40 en 81 jaar uit de periode 2008-2012 geanalyseerd. Zie hier voor meer informatie over de Doetinchem Cohort Studie.

    Slaapduur is nagevraagd als ‘hoeveel uren slaapt u gemiddeld per etmaal (5 uur of minder, 6, 7, 8, 9 uur of meer)’. Een korte slaapduur is gedefinieerd als 6 uur of minder, een normale slaapduur is 7 of 8 uur en een lange slaapduur is 9 uur of langer. Dit is in overeenstemming met de richtlijnen van de American Academy of Sleep Medicine (Watson et al., 2015).

    Slaapkwaliteit is nagevraagd met de volgende items en antwoord categorieën:

    • Lang wakker liggen voor in slaap vallen (zelden of nooit/af en toe/ vaak/altijd)
    • Niet goed in kunnen slapen na 's nachts wakker worden (zelden of nooit/af en toe/ vaak/altijd)
    • 's Morgens erg vroeg wakker worden en niet meer kunnen slapen (zelden of nooit/af en toe/ vaak/altijd)

    Antwoordopties 'vaak' en 'altijd' zijn gedefinieerd als slechte slaapkwaliteit voor dat item. Voor slaapduur zijn multinomiale regressiemodellen gebruikt en voor de drie items van slaapkwaliteit logistische regressiemodellen.

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Watson NF, Badr MS, Belenky G, Bliwise DL, Buxton OM, Buysse D, et al. Recommended Amount of Sleep for a Healthy Adult: A Joint Consensus Statement of the American Academy of Sleep Medicine and Sleep Research Society. Journal of Clinical Sleep Medicine. 2015. Bron | DOI