Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

Nek- en rugklachtenRegionaal & InternationaalRegionaal

Cijfers & Context

Ruim 2 miljoen mensen met nek- en rugklachten

Regionaal & Internationaal

In Limburg meeste rugaandoeningen

Kosten

Kosten van zorg 1,3 miljard euro in 2011

Preventie & Zorg

Patiënten gemiddeld 5 dagen in ziekenhuis

Rugaandoeningen per GGD-regio

Rugaandoeningen 2014-2016

Totale bevolking, per GGD-regio
Rugaandoeningen per ggd-regio
Rugaandoeningen 2014-2016
GGD-regioPercentageSignificantiePercentage (gecorrigeerd voor leeftijd en geslacht)Significantie (gecorrigeerd percentage)
GGD Amsterdam8,8Wijkt niet significant af9,5Wijkt niet significant af
GGD Brabant-Zuidoost9,1Wijkt niet significant af8,6Wijkt niet significant af
GGD Drenthe8,6Wijkt niet significant af8,4Wijkt niet significant af
GGD Flevoland8,7Wijkt niet significant af9,9Wijkt niet significant af
GGD Fryslân10,9Wijkt niet significant af10,3Wijkt niet significant af
GGD Gelderland-Midden8,9Wijkt niet significant af9,0Wijkt niet significant af
GGD Gelderland-Zuid11,3Boven (95% zeker)11,7Boven (95% zeker)
GGD Gooi en Vechtstreek10,3Wijkt niet significant af10,0Wijkt niet significant af
GGD Groningen8,4Wijkt niet significant af8,3Wijkt niet significant af
GGD Haaglanden8,1Wijkt niet significant af8,2Wijkt niet significant af
GGD Hart voor Brabant9,2Wijkt niet significant af9,0Wijkt niet significant af
GGD Hollands Midden7,2Onder (99% zeker)7,4Onder (95% zeker)
GGD Hollands Noorden9,4Wijkt niet significant af9,5Wijkt niet significant af
GGD IJsselland8,5Wijkt niet significant af8,7Wijkt niet significant af
GGD Kennemerland8,6Wijkt niet significant af8,1Wijkt niet significant af
GGD Limburg-Noord10,5Wijkt niet significant af10,3Wijkt niet significant af
GGD Noord- en Oost-Gelderland9,3Wijkt niet significant af8,9Wijkt niet significant af
GGD regio Utrecht8,3Wijkt niet significant af9,1Wijkt niet significant af
GGD Rotterdam-Rijnmond9,4Wijkt niet significant af9,4Wijkt niet significant af
GGD Twente7,7Wijkt niet significant af7,8Wijkt niet significant af
GGD West-Brabant9,4Wijkt niet significant af9,5Wijkt niet significant af
GGD Zaanstreek-Waterland6,2Onder (99% zeker)6,6Onder (95% zeker)
GGD Zeeland8,7Wijkt niet significant af8,4Wijkt niet significant af
GGD Zuid-Holland Zuid8,0Wijkt niet significant af8,4Wijkt niet significant af
GGD Zuid-Limburg13,8Boven (99% zeker)12,8Boven (99% zeker)
View all detail data

Meeste rugaandoeningen in Zuid-Limburg

In de regio Zuid-Limburg is het percentage mensen dat aangeeft een rugaandoening te hebben het hoogst (13,8%), gevolgd door Gelderland-Zuid (11,3%). Beide regio's scoren ook significant  boven het landelijk gemiddelde (9,1%). Hollands Midden (7,2%) en Zaanstreek-Waterland (6,2%) zijn de regio's met het laagste percentage mensen met een rugaandoening. Deze regio's liggen significant onder het Nederlandse gemiddelde.

Toelichting regionale verschillen

Informatie over significantie is beschikbaar via de kaart. Significantie geeft een nadere verklaring van de waarde die we mogen hechten aan de gepresenteerde verschillen. De verschillen zouden onder andere verklaard kunnen worden door regionale variaties in leeftijd en geslacht. Deze gestandaardiseerde cijfers zijn ook via de kaart op te vragen.

Meer informatie

Aandoeningen nek- of schouder per GGD-regio

Aandoeningen van de nek of schouder 2014-2016

Totale bevolking, per GGD-regio
Aandoeningen van de nek- of schouder per ggd-regio
Aandoeningen van de nek of schouder 2014-2016
GGD-regioPercentageSignificantiePercentage (gecorrigeerd voor leeftijd en geslacht)Significantie (gecorrigeerd percentage)
GGD Amsterdam9,3Wijkt niet significant af10,0Wijkt niet significant af
GGD Brabant-Zuidoost9,4Wijkt niet significant af9,0Wijkt niet significant af
GGD Drenthe10,2Wijkt niet significant af10,2Wijkt niet significant af
GGD Flevoland9,0Wijkt niet significant af9,6Wijkt niet significant af
GGD Fryslân8,6Wijkt niet significant af8,6Wijkt niet significant af
GGD Gelderland-Midden8,4Wijkt niet significant af8,4Wijkt niet significant af
GGD Gelderland-Zuid9,3Wijkt niet significant af9,6Wijkt niet significant af
GGD Gooi en Vechtstreek11,4Wijkt niet significant af10,6Wijkt niet significant af
GGD Groningen7,8Wijkt niet significant af7,9Wijkt niet significant af
GGD Haaglanden8,0Wijkt niet significant af8,3Wijkt niet significant af
GGD Hart voor Brabant8,5Wijkt niet significant af8,3Wijkt niet significant af
GGD Hollands Midden7,1Onder (95% zeker)7,4Onder (95% zeker)
GGD Hollands Noorden9,6Wijkt niet significant af9,6Wijkt niet significant af
GGD IJsselland7,5Wijkt niet significant af7,6Wijkt niet significant af
GGD Kennemerland9,4Wijkt niet significant af9,0Wijkt niet significant af
GGD Limburg-Noord11,3Boven (95% zeker)11,0Boven (95% zeker)
GGD Noord- en Oost-Gelderland9,7Wijkt niet significant af9,2Wijkt niet significant af
GGD regio Utrecht6,9Onder (99% zeker)7,3Onder (99% zeker)
GGD Rotterdam-Rijnmond8,4Wijkt niet significant af8,3Wijkt niet significant af
GGD Twente8,9Wijkt niet significant af9,3Wijkt niet significant af
GGD West-Brabant10,7Boven (95% zeker)10,7Boven (95% zeker)
GGD Zaanstreek-Waterland6,2Onder (95% zeker)6,3Onder (95% zeker)
GGD Zeeland8,7Wijkt niet significant af8,4Wijkt niet significant af
GGD Zuid-Holland Zuid7,3Wijkt niet significant af7,8Wijkt niet significant af
GGD Zuid-Limburg11,8Boven (99% zeker)11,3Boven (99% zeker)
View all detail data

Meeste aandoeningen nek- of schouder in Zuid-Limburg

In de regio's Zuid-Limburg, Limburg-Noord, Gooi- en Vechtstreek en West-Brabant zijn de percentages van mensen met zelfgerapporteerder aandoeningen aan de nek- of schouder het hoogst (boven 10,7%). De regio's Zuid-Limburg, Limburg-Noord en West-Brabant scoren ook significant boven het landelijk gemiddelde (8,8%). Zaanstreek-Waterland (6,2%), Utrecht (6,9%) en Hollands Midden (7,1%) zijn de regio's met het laagste percentage mensen met aandoeningen aan de nek- of schouder. Deze regio's liggen significant onder het Nederlandse gemiddelde.

Toelichting regionale verschillen

Informatie over significantie is beschikbaar via de kaart. Significantie geeft een nadere verklaring van de waarde die we mogen hechten aan de gepresenteerde verschillen. De verschillen zouden onder andere verklaard kunnen worden door regionale variaties in leeftijd en geslacht. Deze gestandaardiseerde cijfers zijn ook via de kaart op te vragen.

Meer informatie

Verantwoording

Definities
  • Nek- en rugklachten

    Nek- en rugklachten (dorsopathieën) zijn de meest voorkomende aandoeningen van het bewegingsapparaat. Het is een verzameling aandoeningen met diverse of onbekende oorzaken. Rugklachten worden meestal ingedeeld in specifieke en aspecifieke rugklachten.

    • Specifieke rugklachten zijn rugklachten waarbij sprake is van een aantoonbare lichamelijke oorzaak. Voorbeelden daarvan zijn een hernia nuclei pulposi (HNP), een infectie, een ontsteking, een fractuur of een tumor.
    • Aspecifieke rugklachten zijn rugklachten waarbij geen specifieke oorzaak aantoonbaar is. Dit is bij de meeste mensen met rugklachten het geval (Van Tulder & Koes, 2013).

    Rugklachten ook naar duur ingedeeld

    Tot nu toe kunnen aspecifieke rugklachten niet op een betrouwbare manier verdeeld worden naar de precieze lokalisatie van de pijnklachten en/of welk type weefsel is aangedaan, bijvoorbeeld de spieren, pezen, of gewrichten. Hoewel duidelijk is dat rugklachten vaak terugkomen (Van Tulder & Koes, 2013), worden de klachten in de internationale literatuur meestal ingedeeld op basis van hoe lang ze duren (Koes et al., 2010):

    • Acute rugklachten (duur van minder dan 6 weken)
    • Subacute rugklachten (duur van 6 tot 12 weken)
    • Chronische rugklachten (duur van meer dan 12 weken)

    De ICD-10 maakt het volgende onderscheid:

    • M45: spondylitis ankylopoetica (ziekte van Bechterew)
    • M46: overige inflammatoire spondylopathieën
    • M47: spondylose (artrose van de wervelkolom)
    • M48: overige spondylopathieën
    • M50-51: aandoeningen van de tussenwervelschijven (waaronder hernia nuclei pulposi)
    • M53: overige dorsopathieën, niet elders geclassificeerd
    • M54: dorsalgie

    Houdingsafwijkingen, (ICD-10 code M40 en M41), vallen niet onder de geselecteerde aandoeningen. In deze ziektebeschrijving staat vooral informatie over rugklachten omdat hierover het meeste bekend is.

Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over nek- en rugklachten

    Bron

    Indicator in VZinfo

    Gepresenteerde populatie VZinfo

    Meer informatie

    NIVEL Zorgregistraties eerste lijn

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    NZR

    Landelijke Informatievoorziening Paramedische Zorg (LIPZ)

    Jaarprevalentie

    Nederlandse bevolking

    LIPZ opgegaan in NZR

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Aantal sterfgevallen

    Nederlandse bevolking

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Registratienet Huisartspraktijken Limburg (RNH-Limburg)

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    RNH-Limburg

    Landelijke Medische Registratie (LMR)

    Klinische opnamedagen, klinische opnamen, gemiddelde opnameduur met nek- en rugklachten als hoofdontslagdiagnose

    Nederlandse bevolking

    LMR

    Gezondheidsenquête, voorheen POLS, gezondheid en welzijn

    Prevalentie (zelfgerapporteerd)

    Nederlandse bevolking vanaf 25 jaar

    Gezondheidsenquête

    Kosten van Ziektenstudie

    Kosten van zorg voor nek- en rugklachten

    Nederlandse bevolking

    Kosten van Ziekten

Methoden
  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.