Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

Maag-, darm- en leveraandoeningen

Aantal personen met MDL-aandoening bekend bij huisarts

Prevalentie MDL-aandoeningen bij huisarts 2017

MannenVrouwenTotaal
Slokdarm, maag en duodenum195200237900433200
Lever, galblaas/-wegen en alvleesklier119800152600272300
Dunne darm, appendix, dikke darm en anus4408006422001083000
Infectieziekten en infestaties van het spijsverteringsstelsel127100160800287900
Symptomen van het spijsverteringsstelsel92150014707002392200

Ruim 3,7 miljoen personen met MDL-aandoening bekend bij huisarts

In 2017 waren er naar schatting ruim 3,7 miljoen personen met een MDL-aandoening bekend bij de huisarts: ruim 1,5 miljoen mannen en bijna 2,2 miljoen vrouwen. Dit betreffen zowel personen die bekend zijn met een ernstige als een minder ernstige aandoening. Deze aandoeningen kunnen kortdurend of langdurig zijn. Het grootste deel van de 3,7 miljoen personen was bekend bij de huisarts met ziekten of aandoeningen uit het cluster symptomen van het spijsverteringskanaal. Binnen dit cluster komen de meeste ziektegevallen door obstipatie, andere gelokaliseerde buikpijn en maagpijn. Ook zijn er veel mensen bekend bij de huisarts met klachten aan de dunne darm, appendix, dikke darm en anus. Voor alle clusters geldt dat meer vrouwen dan mannen bekend zijn bij de huisarts met een maag-, darm-, leveraandoening. In de prevalentiecijfers van Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn (NZR) is het cluster kanker aan het spijsverteringsstelsel niet meegenomen. Voor prevalentiecijfers van kanker wordt verwezen naar de Nederlandse Kankerregistratie (NKR), deze staan beschreven in de volgende lamel.

Meer informatie

Datum publicatie

06-05-2019

Aantal MDL-tumoren volgens Nederlandse kankerregistratie

Prevalentie kanker aan spijsverteringsorganen 2018

TumorMannenVrouwenTotaal
Dikke darm en endeldarm446003590080500
Slokdarm450016106100
Gastrointestinale carcinoïdtumoren189020904000
Maag167010502700
Alvleesklier115010902230
Lever11204701590
Galblaas en extrahepatische galwegen7907101500
Gastrointestinale sarcomen en stromatumoren7107301440
Anus6107701380
Cardia8202401060
Dunne darm330280610
Spijsverteringsorganen (nno*)203040
Melanomen van maag-darmkanaal202040
  • *nno = niet nader omschreven
  • Cijfers zijn voorlopig

Ruim 102.000 personen met MDL-kanker op 1-1-2018

Op 1-1-2018 was de 10-jaarsprevalentie van alle kankers aan de spijsverteringsorganen in totaal ruim 102.300: 57.700 mannen en 44.600 vrouwen. De 10-jaarsprevalentie is het aantal mensen dat in de loop van de tien jaar voorafgaand aan de peildatum (1 januari 2018) kanker heeft gekregen en op de peildatum nog in leven was. De 10-jaarsprevalentie is het hoogst voor dikkedarm- en endeldarmkanker.

Bijna 24.000 nieuwe gevallen van MDL-kanker in 2018

In 2018 zijn er bijna 24.000 nieuwe gevallen van kanker aan het spijsverteringsstelsel bij gekomen (bijna 14.000 mannen en ruim 10.000 vrouwen). Meer dan de helft van de nieuwe gevallen wordt gediagnosticeerd met dikkedarm- en endeldarmkanker. De meeste nieuwe gevallen van MDL-kanker komen voor in de leeftijd 65 tot 80 jaar. Meer incidentiecijfers zijn te vinden in het Excelbestand MDL-aandoeningen.

Meer informatie

Datum publicatie

06-05-2019

Aantal personen met medisch-specialistische zorg voor MDL-aandoening

Prevalentie medisch-specialistische zorg voor MDL-aandoeningen 2017

MannenVrouwenTotaal
Slokdarm, maag en duodenum28.10937.29565.404
Lever, galblaas/-wegen en alvleesklier39.91646.42086.336
Dunne darm, appendix, dikke darm en anus99.402130.568229.970
Infectieziekten en infestaties van het spijsverteringsstelsel7.4596.80814.267
Symptomen van het spijsverteringsstelsel69.386121.028190.414
Kanker van het spijsverteringsstelsel48.89837.02985.927

Ruim 626.000 personen met medisch-specialistische zorg

In 2017 waren er ruim 626.000 personen die medisch-specialistische zorg hebben ontvangen voor een maag-, darm- of leveraandoening (274.000 mannen en 352.000 vrouwen). De meeste medisch-specialistische zorg werd gegeven aan aandoeningen aan de dunne darm, appendix, dikke darm en anus, gevolgd door symptomen van het spijsverteringsstelsel. In vier van de zes categorieën waren er meer vrouwen dan mannen die medisch-specialistische zorg hebben ontvangen.

Meer informatie

Datum publicatie

06-05-2019

Verantwoording

Definities
  • Definitie maag-, darm- en leveraandoeningen

    Om vast te stellen hoeveel mensen in Nederland een maag-, darm- of leveraandoening hebben, is het eerst nodig om hier een definitie voor vast te stellen. Vervolgens kan dan worden vastgesteld welke afzonderlijke aandoeningen aangemerkt kunnen worden als maag-, darm- en leveraandoening.

    Geen uniforme definitie voor maag-, darm- en leveraandoeningen
    Er is geen uniforme definitie van maag-, darm- en leveraandoeningen. De Maag Lever Darm Stichting (MLDS) ziet de hele spijsvertering als haar werkgebied, waaronder de slokdarm, maag, dunne darm, dikke darm, alvleesklier, lever en galwegen. In dit overzicht zijn chronische, oncologische, veel voorkomende aandoeningen en aandoeningen met een hoge impact aan deze spijsverteringsorganen meegenomen. In dit dossier maag-, darm- en leveraandoeningen zijn deze aandoeningen ingedeeld in zes clusters: drie clusters omvatten de (aandoeningen van) afzonderlijke organen (maag, darmen en lever), één cluster omvat infectieziekten en infestaties, er is één cluster met symptomen en één cluster met kanker per orgaan. Deze indeling is tot stand gekomen in overleg met de MLDS. De indeling is deels gebaseerd op een clustering van “samenwerkende” organen op volgorde van de spijsverteringsroute en deels op bestaande indelingen (ICD-10/ICPC-1). Vervolgens heeft het RIVM alle codes in relevante classificatiestelsels toegewezen aan één van de clusters of besloten om ze niet in dit overzicht mee te nemen. Hieronder staan de classificatiestelsels die zijn doorgelopen met vermelding van de gegevensbron waarvoor het stelsel gebruikt is.

    Classificatie

    Gegevensbron

    ICPC-1

    NIVEL Zorgregistratie eerste lijn

    ICD-10

    CBS - Doodsoorzakenstatistiek

    DBC’s Medisch Specialistische Zorg

    DIS Medisch Specialistische Zorg

    CAS – Classificaties voor Arbo en SV UWV – Uitvoering werknemersverzekeringen

     

    Voor kosten is aangesloten bij de indeling die wordt gehanteerd voor de Kosten van Ziektenstudie.

    Het RIVM is begonnen met de afbakening door in de ICD-10 en de ICPC-1 alle aandoeningen en symptomen weg te strepen die niet vallen onder de spijsvertering. De overgebleven aandoeningen zijn vervolgens intern besproken. Daar is toen de keuze gemaakt om aandoeningen in/aan de mond en speekselklieren buiten beschouwing te laten, maar aandoeningen rondom de anus wel mee te nemen.

    Enkele belangrijke keuzes die zijn gemaakt:

    • Aandoeningen worden alleen geïncludeerd bij manifestatie in één van de doelorganen (de ziekte van Pfeiffer bijvoorbeeld niet);
    • Aandoeningen aan maag, lever en darmen als gevolg van letsels en uitwendige oorzaken laten we buiten beschouwing;
    • Perinatale en congenitale aandoeningen aan maag, lever en darmen laten we buiten beschouwing;
    • Endocriene ziekten, voedings- en stofwisselingsstoornissen laten we buiten beschouwing (NB; coeliakie valt hier niet onder)
    • Bij kankers aan maag, lever en darmen laten we secundaire maligniteiten (uitzaaiingen) buiten beschouwing;
    • Inflammatoire darmziekten (colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn) zijn onder de dikke darm gegroepeerd, hoewel de ziekte van Crohn ook elders in de darmen op kan spelen.

    Het hele proces van clustering van aandoeningen heeft plaatsgevonden in overleg met de MLDS. Zij hebben daarbij ook een externe expert geraadpleegd.

     

  • Definitie arbeidsongeschiktheid

    Als iemand langer dan 104 weken ziek is en hierdoor niet of alleen gedeeltelijk kan werken, wordt hij of zij (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt verklaard. Iemand die (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt is, kan namelijk als gevolg van ziekte of gebreken met gangbare arbeid niet meer hetzelfde verdienen als gezonde personen met soortgelijke opleiding en ervaring. Er zijn verschillende wetten/voorzieningen van kracht waarop een arbeidsongeschikte werknemer een beroep kan doen. De arbeidsongeschiktheidswetten gebruikt in dit dossier:

    Wet

    Definitie

    Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA)

    De wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) voorziet werknemers van een uitkering in geval zij arbeidsongeschikt raken. De wet is in werking getreden per 29 december 2005 en is van toepassing op personen die op of na deze datum voor het eerst een arbeidsongeschiktheidsuitkering toegekend krijgen. Er is een wachttijd van 104 weken. Het betreft dus mensen die ziek geworden zijn vanaf 1 januari 2004. De WIA kent twee soorten uitkeringen, de IVA en de WGA. De regeling Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) verstrekt uitkeringen aan volledig en duurzaam arbeidsongeschikten. De regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) verstrekt uitkeringen aan gedeeltelijk arbeidsongeschikten en niet-duurzaam volledig arbeidsongeschikten. De WIA is voor iedereen die ziek geworden is vanaf 1 januari 2004. Iedereen die voor die tijd ziek geworden is, valt onder de Wet arbeidsongeschiktheid (WAO) (UWV.nl).

    Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)

    Iedereen die vóór 1 januari 2004 ziek is geworden, valt onder de Wet arbeidsongeschiktheid (WAO). De bepaling voor de mate van arbeidsongeschiktheid is vergelijkbaar met de WIA, maar er wordt niet naar de duurzaamheid gekeken. Bij de WAO krijgt men al een uitkering bij 15% arbeidsongeschiktheid (UWV.nl).

    Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ)

    Beroepsbeoefenaren zonder werkgever, zoals zelfstandigen en hun meewerkende echtgenoten, moeten zelf maatregelen nemen om de financiële gevolgen af te dekken van arbeidsongeschiktheid. Beroepsbeoefenaren zonder werkgever konden tot 1 augustus 2004 een beroep doen op de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ). De minimale arbeidsongeschiktheid dient dan 25% te zijn (UWV.nl).

    Wet Werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten (Wajong)

    De Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) verstrekt in geval van arbeidsongeschiktheid uitkeringen aan degenen die vóór hun 17e levensjaar of als student arbeidsongeschikt zijn geworden. Per 1 januari 2010 is de nieuwe Wajong ingegaan. Jongeren met een langdurige ziekte of handicap krijgen intensieve begeleiding naar werk. Wajongers die geen mogelijkheden hebben op de arbeidsmarkt of die nog druk bezig zijn werk te vinden, ontvangen een (aanvullende) uitkering. Per 1 januari 2015 is de Participatiewet ingegaan en is de Wajong 2015 van toepassing. Alleen jonggehandicapten die nu en in de toekomst niet meer kunnen werken komen in aanmerking voor een uitkering van UWV als zij aan de voorwaarden voldoen. Jonggehandicapten die wel kunnen werken, krijgen van de gemeente een bijstandsuitkering als ze voldoen aan de voorwaarden en hulp bij het vinden van geschikt werk. De Wajongers die vóór 1 januari 2015 al een Wajong uitkering ontvingen, behouden deze uitkering bij UWV (UWV.nl).

     

Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over maag-, darm- en leveraandoeningen

    Bron

    Indicator in VZinfo

    Gepresenteerde populatie

    Meer informatie

    Nivel Zorgregistraties eerste lijn

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    NZR

    Nederlandse Kanker Registratie

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    NKR

    DBC Informatie Systeem

    Jaarprevalentie

    Nederlandse bevolking

    DIS

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Aantal sterfgevallen en verloren levensjaren

    Nederlandse bevolking

    CBS

    ArboNed

    Prevalentie, aantal nieuwe gevallen van ziekteverzuim

    Werknemers in Nederland

    Arboned.nl

    Humantotalcare.nl

    UWV

    Aantal uitkeringen WAO, WIA, WAZ en Wajong

    Nederlandse bevolking

    PIAV

    UWV.nl

    Kosten van Ziektenstudie

    Zorguitgaven

    Nederlandse bevolking

    Kosten van Ziekten database

  • Vektis-bestanden van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa)

    Voor het schatten van het aantal mensen dat medisch specialistische somatische zorg voor een MDL-aandoening ontving in 2017, is gebruik gemaakt van Vektis-bestanden van de NZa. Deze zijn gebaseerd op Diagnose Behandel Combinaties (DBC’s). DBC’s leveren informatie over de diagnose en behandeling die een patiënt krijgt binnen een vastgestelde periode (CBS, 2013). Hiermee vormen ze de basis voor de declaratie van geleverde zorg bij zorgverzekeraars. De gegevens zijn afkomstig van ziekenhuizen, zelfstandige behandelcentra of een andere (categorale) instelling, waarbij de zorg wordt uitgevoerd door of onder toezicht van een medisch specialist. Schattingen zijn gebaseerd op het aantal personen dat in 2017 op enig moment een openstaand zorgtraject had (lopende DBC’s). Het aantal unieke personen is geteld per diagnose en voor het totaal MDL-aandoeningen, dat betekent dat personen slechts eenmaal zijn meegeteld.

Andere websites over Maag-, darm- en leveraandoeningen