Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

DrugsgebruikCijfers & ContextHuidige situatie: jongeren

Cijfers & Context

Meer mannen dan vrouwen gebruiken cannabis

Regionaal & Internationaal

Cannabisgebruik Nederland gelijk aan gebruik in EU

Kosten

Niet beschikbaar

Preventie & Zorg

Ontmoedigen en verminderen risico's van gebruik

Cannabisgebruik scholieren naar geslacht

Bijna één op de tien scholieren heeft ooit cannabis gebruikt

Van de onderzochte leerlingen van 12 tot en met 16 jaar in het voortgezet onderwijs heeft ruim 9% ooit cannabis gebruikt: meer jongens (12%) dan meisjes (7%).

Meer informatie

Datum publicatie

17-10-2018

Cannabisgebruik scholieren naar leeftijd

Cannabisgebruik onder scholieren neemt toe met de leeftijd

Onder jongeren neemt het gebruik van cannabis toe met de leeftijd. Onder de 12-jarigen heeft minder dan 1% ervaring met cannabisgebruik. Daarna is sprake van een forse toename, vooral bij de jongens. Ook bij het gebruik in de afgelopen maand is een duidelijke stijging met de leeftijd. Dit gebruik neemt toe van minder dan 1% onder de 12- en 13-jarigen tot 12% onder de 16-jarigen.

Meer informatie

Datum publicatie

17-10-2018

Gebruik harddrugs, paddo's en lachgas onder scholieren

Gebruik van harddrugs, paddo's en lachgas ooit in het leven 2015/2017

Scholieren 12-16 jaar
Soort drugJongensMeisjesTotaal
XTC (2017)1,30,61
Cocaïne (2015)1,41,21,3
Amfetamine (2015)1,40,81,1
Paddo's (2015)1,20,60,9
Lachgas (2017)10,28,59,4


* Enige harddrug: XTC, cocaïne, amfetamine, heroïne, crack, GHB of LSD

Gebruik lachgas opvallend hoog onder scholieren 12-16 jaar

Het hoge percentage scholieren dat ooit lachgas heeft gebruikt, is opvallend. In 2017 had 9% van de scholieren ervaring met  lachgas, in 2015 was dat 8%. Lachgas lijkt sterk aan populariteit te hebben gewonnen. In 2011 is in het Peilstationsonderzoek Scholieren niet gevraagd naar het gebruik van lachgas omdat er toen nog geen signalen waren dat dit middel door veel scholieren werd gebruikt. In 2017 had een klein deel van de middelbare scholieren (1 %) ervaring met XTC. Het percentage jongens dat ooit XTC heeft gebruikt, is hoger dan het percentage meisjes. Op basis van cijfers van het Peilstationsonderzoek Scholieren uit 2015 is ook het percentage middelbare scholieren dat ervaring heeft met cocaïne , amphetamine of paddo's relatief klein (1%).

Meer informatie

Datum publicatie

17-10-2018

Cannabisgebruik studenten naar geslacht

Ruim eenderde van de studenten gebruikte ooit cannabis

Ruim eenderde van de mbo- en hbo-studenten van 16 t/m 18 jaar (34%) gaf in 2017 aan ooit cannabis te hebben gebruikt. In de afgelopen maand was dat 15%; meer jongens (19%) dan meisjes (11%). Cannabisgebruik neemt toe met de leeftijd. Dit is het meest opvallend bij het gebruik in de afgelopen maand bij jongens (Tuithof et al., 2018). 

Meer informatie

Datum publicatie

26-04-2019

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Tuithof M, van Dorsselaer S, Monshouwer K. Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2017. Utrecht: Trimbos-instituut; 2018. Bron

Gebruik harddrugs, paddo's en lachgas onder studenten

Meer dan een kwart van de studenten heeft ooit lachgas gebruikt

Meer dan een kwart van de studenten (29%) van het mbo of hbo gaf in 2017 aan ooit lachgas te hebben gebruikt. In de afgelopen maand gebruikte 6% van de studenten lachgas. Het gebruik van hallocinogene paddestoelen komt minder vaak voor; minder dan 1% van de studenten gebruikte deze in de afgelopen maand (niet in grafiek). Ruim één op de tien studenten (10%) heeft ooit harddrugs gebruikt, 3% deed dit in de afgelopen maand. Het gaat hierbij vooral om ecstasy: 8% van de studenten heeft hier ervaring mee.

Meer informatie

Datum publicatie

26-04-2019

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Tuithof M, van Dorsselaer S, Monshouwer K. Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2017. Utrecht: Trimbos-instituut; 2018. Bron

Verantwoording

Definities
  • Definities Drugsgebruik

    Drugs zijn middelen die de hersenen prikkelen waardoor er geestelijke en lichamelijke effecten optreden. We noemen dit ook wel de pyscho-actieve werking.

    Het onderwerp drugsgebruik op Volksgezondheidenzorg.info richt zich op de volgende drugs: cannabis, hallucinogene paddenstoelen en heroïne, cocaïne, amfetamine, ecstacy en GHB. Cannabis (hasj en wiet/marihuana) en hallucinogene paddenstoelen staan bekend als ‘softdrugs’. Deze middelen staan op lijst II van de Opiumwet. Ook de plant qat staat sinds 5 januari 2013 op lijst II. Middelen zoals heroïne, cocaïne, amfetamine, LSD, ecstacy en GHB worden ‘harddrugs’ genoemd en staan op lijst I van de Opiumwet. Omdat deze middelen in de Opiumwet staan zijn ze illegaal. Ook alcohol en nicotine in tabak hebben een psycho-actieve werking, maar deze middelen staan niet in de Opiumwet en zijn dus legaal.

    Middelen op lijst I zijn volgens de wet gevaarlijker dan middelen op lijst II. In de werkelijkheid is de grens tussen harddrugs en softdrugs niet zo gemakkelijk te trekken. Er zijn gebruikers van softdrugs die zoveel gebruiken dat het ‘hard’ gebruik genoemd zou kunnen worden. Het omgekeerde komt ook voor, hoewel ‘soft’ gebruiken van harddrugs voor de meeste mensen moeilijk vol te houden is.

    We maken onderscheid in actueel, recent en ooit-gebruik:

    • Actueel gebruik: in de laatste maand voorafgaand aan de peiling
    • Recent gebruik: in het laatste jaar voorafgaand aan de peiling
    • Ooit-gebruik: ooit in het leven
Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over Drugsgebruik

    Bron Indicator in VZinfo Gepresenteerde populatie VZinfo Meer informatie
    Leefstijlmonitor (LSM)/Gezondheidsenquête Ooit, afgelopen maand, afgelopen jaar cannabis gebruikt; afgelopen jaar harddrugs gebruikt (percentages) Nederlandse bevolking vanaf 18 jaar  LSMGezondheidsenquête
    Leefstijlmonitor (LSM)/ Peilstationsonderzoek Scholieren Ooit, afgelopen maand, afgelopen jaar cannabis gebruikt; ooit harddrugs, paddo's of lachgas gebruikt (percentages) Nederlandse scholieren van 12 t/m 16 jaar LSMPeilstations Scholieren
    Leefstijlmonitor (LSM)/ HBSC-Nederland Ooit, afgelopen maand, afgelopen jaar cannabis gebruikt; ooit XTC of lachgas gebruikt (percentages) Nederlandse scholieren van 12 t/m 16 jaar LSM, HBSC-Nederland
    Nationaal Prevalentie Onderzoek (NPO) Ooit, afgelopen maand, afgelopen jaar cannabis of harddrugs gebruikt (percentages) Nederlandse bevolking van 15 t/m 64 jaar van Rooij et al., 2011
    Landelijk Alcohol en Drugs Informatie Systeem (LADIS) Aantal ingeschreven cliënten bij de verslavingszorg met cannabis of harddrugs als primair probleem Nederlandse bevolking LADIS
    European Monitoring Centre for Drugs and Drug Addiction (EMCDDA) Ooit, afgelopen jaar cannabis  of harddrugs gebruikt (percentages) Europese bevolking EMCDDA, Statistisch Bulletin
    European School Survey on Alcohol and other Drugs (ESPAD) In de afgelopen 30 dagen cannabis gebruikt; ooit harddrugs gebruikt (percentages) Europese scholieren van 15 en 16 jaar

    ESPADKraus et al., 2016

     

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. van Rooij AJ, Schoenmakers TM, van de Mheen D. Nationaal Prevalentie Onderzoek Middelengebruik 2009: kerncijfers 2009. Rotterdam: IVO; 2011. Bron
Methoden
  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.