Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

Bevolkingsonderzoek

Deelname 20 wekenecho

Van de zwangere vrouwen neemt ruim 82% deel aan de 20 wekenecho

In 2017 nam 82,1% van alle zwangere vrouwen deel aan het structureel echoscopisch onderzoek (SEO, ook 20 wekenecho genoemd). Het SEO is gericht op het opsporen van neurale buisdefecten (open rug, open schedel) en een aantal andere lichamelijke afwijkingen van de foetus (zoals hart- en nierafwijkingen). Doel is zwangere vrouwen de mogelijkheid te bieden een geïnformeerde keuze te maken ten aanzien van verschillende handelingsopties bij een eventuele afwijking van de foetus. Daarbij valt te denken aan het al dan niet uitdragen van de zwangerschap of een voorbereiding op de geboorte van een kind met een afwijking (Liefers et al., 2018).

Meer informatie

Datum publicatie

04-02-2019

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Liefers J, Cruijsberg J., Atsma F. Monitor 2017. Prenatale screening op down-, edwards- en patausyndroom en het Structureel Echoscopisch Onderzoek. Nijmegen: Scientific Center for Quality of Healthcare (IQ healthcare), Radboudumc; 2018. Bron

Deelname prenataal bloedonderzoek zwangeren PSIE

Bijna alle zwangere vrouwen nemen deel aan bloedonderzoek

In 2016 nam 99,1% van de zwangere vrouwen deel aan de Prenatale Screening Infectieziekten en Erytrocytenimmunisatie (PSIE). De deelname aan PSIE is sinds 2006 stabiel gebleven. PSIE is een landelijk bevolkingsonderzoek waarbij een zwangere vrouw in het eerste verloskundig consult bloedonderzoek aangeboden krijgt (bij voorkeur vóór week 13 van de zwangerschap). Het bloed wordt gescreend op hepatitis B (hepB), syfilis (lues), hiv en de volgende bloedgroepantistoffen: Rhesus (D)-antigeen (RhD), Rhesus (c)-antigeen (Rhc) en irregulaire erytrocyten antistoffen (IEA). Het bevolkingsonderzoek PSIE heeft als doel hepatitis B- en hiv-dragerschap, congenitale syfilis en hemolytische ziekten van de foetus en/of de pasgeborene te voorkomen (van der Maas et al., 2018). 

Meer informatie

Datum publicatie

02-08-2018

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. van der Maas PJ, Schönbeck Y, Oomen P, Vos K. Prenatale Screening Infectieziekten en Erytrocytenimmunisatie (PSIE). Procesmonitor 2016. TNO/RIVM; 2018. Bron

Deelname prenatale screening down-, edwards- en patausyndroom

Trend in deelname combinatietest of NIPT 2013-2017

PeriodenDeelname (%)Deelname (Absoluut aantal)Deelname combinatietest voor april 2017 (%)Deelname CT voor april 2017 (Absoluut aantal)Deelname combinatietest vanaf april 2017 (%)Deelname CT vanaf april 2017 (Absoluut aantal)Deelname NIPT vanaf april 2017 (%)Deelname NIPT vanaf april 2017 (Absoluut aantal)Deelname combinatietest heel 2017 (%)Deelname CT heel 2017 (Absoluut aantal)
201325,3
201430,841.827
201532,144.176
201634,149.298
201741,170.00034,716.0804,35.42939,249.69612,421.509
  • Zie tabelweergave voor de deelname in absolute aantallen.
  • In april 2017 is, naast de combinatietest, de NIPT geïntroduceerd. Zie tabelweergave voor de gegevens van de verschillende tests vóór april 2017 en na april 2017.

Ruim 40% zwangere vrouwen neemt deel aan screening

In 2017 nam 41,1% van alle zwangere vrouwen deel aan de prenatale screening op down-, edwards- en patausyndroom. Vanaf 1 april 2017 kan een zwangere vrouw, naast de combinatietest, kiezen voor de niet-invasieve prenatale test (NIPT). De combinatietest is een prenatale screening op down-, edwards- en patausyndroom, die tussen 9 en 14 weken zwangerschap wordt uitgevoerd en bestaat uit een bloedonderzoek bij de zwangere vrouw en een nekplooimeting met een echo bij het kind. Deze test berekent hoe groot de kans is dat de vrouw zwanger is van een kind met een down-, edwards- of patausyndroom. Bij de NIPT wordt bloed afgenomen bij de zwangere. In een laboratorium wordt het bloed onderzocht op aanwijzingen dat het kind down-, edwards- of patausyndroom heeft. Als de NIPT afwijkend is, is invasief vervolgonderzoek door middel van een vlokkentest of vruchtwaterpunctie nodig om de aandoening te bevestigen. Met de NIPT worden meer kinderen met down-, edwards- en patausyndroom ontdekt dan met de combinatietest en de uitslag is betrouwbaarder. Doordat de NIPT betrouwbaarder is, is invasief vervolgonderzoek minder vaak nodig (Liefers et al., 2018).

Meer informatie

Datum publicatie

16-05-2019

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Liefers J, Cruijsberg J., Atsma F. Monitor 2017. Prenatale screening op down-, edwards- en patausyndroom en het Structureel Echoscopisch Onderzoek. Nijmegen: Scientific Center for Quality of Healthcare (IQ healthcare), Radboudumc; 2018. Bron

Deelname neonatale hielprikscreening

Deelname neonatale hielprikscreening 2002-2017

Deelname hielprikscreening
200299,5
200399,5
200499,5
200599,6
200699,6
200799,7
200899,8
200999,7
201099,7
201199,4
201299,3
201399,4
201499,3
201599,3
201699,2
201799,2

Bron: TNO, 2018

Deelname aan neonatale hielprikscreening hoger dan 99%

In 2017 is bij 99,2% van de pasgeborenen de hielprik afgenomen (TNO, 2018). De deelname aan de neonatale hielprikscreening is stabiel. De screening bestaat uit het afnemen van bloed dat in het laboratorium wordt onderzocht. In de periode 2011-2016 waren 17 ernstige zeldzame aandoeningen opgenomen in het programma. In 2017 waren dit er 19. De meeste van deze aandoeningen zijn erfelijk. Een snelle opsporing kan zeer ernstige schade aan de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van een kind voorkomen of beperken. De aandoeningen zijn niet te genezen, maar wel te behandelen, bijvoorbeeld met medicijnen of een dieet.

Meer informatie

Datum publicatie

02-01-2019

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. TNO. De neonatale hielprikscreening. Monitor 2017. Leiden: TNO; 2018. Bron

Deelname neonatale gehoorscreening

Deelnamepercentage aan neonatale gehoorscreening 2009-2017

Jaar

1e ronde

2e ronde

3e ronde

3 ronden samen

2009

99,3

99,5

99,6

98,4

2010

99,3

99,4

99,3

97,9

2011

99,4

99,3

98,8

97,6

2012

99,4

99,3

99,7

98,4

2013

99,4

99,4

99,6

98,4

2014

99,5

99,3

99,9

98,7

2015

99,6

99,5

99,8

98,9

2016

99,7

99,7

99,7

99,1

2017

99,7

99,6

99,7

99,0

  • Het deelnamepercentage is het aantal kinderen dat gescreend wordt in een bepaalde screeningsronde gedeeld door het aantal kinderen dat in aanmerking komt voor die ronde, vermenigvuldigd met 100.

Deelname aan neonatale gehoorscreening hoog

De deelname aan de neonatale gehoorscreening is hoog. De screening wordt meestal thuis afgenomen, in combinatie met de hielprikscreening, tussen de 4e en 7e dag na de geboorte. Soms wordt de screening afgenomen op het consultatiebureau als het kind enkele weken oud is. Als bij de eerste screeningsronde geen voldoende gehoor aan beide oren is aangetoond, volgt een tweede en zo nodig derde screeningsronde. Wanneer na drie screeningsrondes nog geen voldoende gehoor kan worden aangetoond, wordt een kind voor verdere diagnostiek verwezen naar een audiologisch centrum. In 2017 bedroeg de dekkingsgraad voor de drie screeningsronden samen 99,0%. Aan iedere screeningsronde afzonderlijk nam minimaal 99,6% van de hiervoor in aanmerking komende kinderen deel.

Meer informatie

Datum publicatie

10-07-2019

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. van der Ploeg K, Wins S, Verkerk P. Neonatale gehoorscreening door de Jeugdgezondheidszorg. Monitor over 2017. Leiden: TNO; 2018. Bron

Deelname bevolkingsonderzoek borstkanker

Trend in deelname bevolkingsonderzoek borstkanker, 2000-2016

Jaar49 jaar50 tot 55 jaar55 tot 60 jaar60 tot 65 jaar65 tot 70 jaar70 tot 75 jaar75 jaarTotaal
200077,279,881,581,379,367,758,378,5
200178,479,881,380,979,670,151,378,7
200278,279,581,581,380,071,857,379,1
200379,881,082,782,781,674,758,680,8
200480,180,982,582,681,675,358,280,9
200580,681,583,183,382,677,159,781,7
200679,781,383,183,782,677,664,481,8
200779,981,683,484,283,479,167,882,4
200879,981,082,783,983,279,167,582,0
200978,680,582,383,582,678,669,781,5
201077,579,581,782,782,377,771,080,7
201177,078,781,182,181,877,565,980,1
201276,578,280,781,381,577,067,079,7
201374,877,680,381,381,777,167,679,4
201474,677,179,680,780,876,672,978,8
201577,6
201677,3
  • Deelnamecijfers naar leeftijd zijn niet beschikbaar voor de jaren vanaf 2014.

Ruim driekwart doelgroep neemt deel aan bevolkingsonderzoek

In 2016 heeft 77,3% van de uitgenodigde vrouwen deelgenomen aan het bevolkingsonderzoek naar borstkanker (Bron: IKNL). Sinds 2007 neemt de deelname aan het bevolkingsonderzoek licht af. Dit geldt voor alle leeftijdsgroepen met uitzondering van de oudste leeftijdsgroep van 75 jaar. De deelname in deze leeftijdsgroep is over de gehele periode 2007-2014 echter lager dan in de overige leeftijdsgroepen (Bron: LETB). Deelnamecijfers naar leeftijd zijn niet beschikbaar voor de jaren vanaf 2014.

Meer infomatie

Experts en redactie

Datum publicatie

16-10-2018

Deelname bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker

Trend in deelname bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker 2004-2017

Perioden30 tot 35 jaar35 tot 40 jaar40 tot 45 jaar45 tot 50 jaar50 tot 55 jaar55 tot 60 jaar60 tot 65 jaarTotaal
200453,162,870,371,772,771,067,666,9
200553,162,569,571,272,270,768,966,8
200654,462,670,171,472,371,669,867,5
200757,263,569,671,272,670,570,167,9
200856,464,267,271,773,168,769,867,5
200956,063,664,670,671,767,669,266,3
201054,261,265,369,171,468,567,465,5
201154,861,866,770,071,169,967,766,2
201253,359,264,469,470,170,168,265,2
201354,060,265,170,371,570,969,566,2
201452,558,663,967,970,570,166,664,6
201552,357,964,367,670,369,666,864,4
201645,452,660,263,165,967,665,960,3
201743,548,356,556,862,365,564,956,9
  • Vanwege de overgang naar het vernieuwde bevolkingsonderzoek dat op 1 januari 2017 is gestart, is het deelnamepercentage in 2016 en 2017 niet goed vergelijkbaar met de daaraan voorafgaande jaren.

57% van de doelgroep neemt deel aan het bevolkingsonderzoek

In 2017 heeft 56,9% van de ruim 750.000 uitgenodigde vrouwen deelgenomen aan het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker. Van de bijna 427.000 deelnemende vrouwen nam 7% deel met behulp van de zelfafnameset. Het percentage vrouwen dat deelneemt aan het bevolkingsonderzoek is in de periode 2004-2017 licht afgenomen, vooral in de leeftijdsgroep 35 tot 55 jaar. Vanwege de overgang naar het vernieuwde bevolkingsonderzoek dat op 1 januari 2017 is gestart, is het deelnamepercentage in 2016 en 2017 niet goed vergelijkbaar met de daaraan voorafgaande jaren.

Beschermingsgraad 73 procent in 2017

De beschermingsgraad in 2017 bedroeg 73,0%. De beschermingsgraad of het vijfjaarsbereik is het percentage vrouwen at risk (dat wil zeggen vrouwen bij wie de baarmoeder niet is verwijderd) in de leeftijd van 30 tot 65 jaar dat in de vijf jaar voorafgaand aan het meetmoment binnen of buiten het bevolkingsonderzoek minimaal één uitstrijkje heeft laten maken of minimaal één hrHPV-test heeft ondergaan. Het vijfjaarsbereik is in 2017 ongeveer 3% lager dan in 2016. Dit is het gevolg van een afname in de deelname aan het bevolkingsonderzoek (Bron: LEBA).

Meer informatie

Datum publicatie

25-01-2019

Landelijk bevolkingsonderzoek darmkanker

Resultaten bevolkingsonderzoek darmkanker 2017

  Aantal
Beoogde doelgroep 2017 2.039.235
Totaal uitgenodigd in 2017 1.941.121
Deelgenomen 1.411.998
Beoordeelbare FIT 1.403.096
FIT positief a) 71.632
Intake 65.015
Coloscopie uitgevoerd 59.321
Diagnose darmkanker 4.203
Diagnose advanced adenoom 23.220

a) FIT-positief: boven de afkapwaarde van 47 µg Hemoglobine (Hb)/g ontlasting.

Tweejaarlijks landelijk bevolkingsonderzoek

Sinds januari 2014 wordt een landelijk bevolkingsonderzoek naar dikkedarmkanker gefaseerd ingevoerd. Het RIVM/Centrum voor Bevolkingsonderzoek coördineert en regisseert het bevolkingsonderzoek in opdracht van het ministerie van VWS. De doelgroep van het bevolkingsonderzoek darmkanker bestaat uit mannen en vrouwen van 55 tot en met 75 jaar. Zij worden elke twee jaar uitgenodigd voor deelname aan een screeningstest (FIT). Deelnemers nemen zelf een monster van de ontlasting en sturen dit monster op naar het laboratorium. Bij een ongunstige uitslag van de test, dat wil zeggen een hoeveelheid bloed die boven de afkapwaarde (47 µg hemoglobine (Hb)/g ontlasting) ligt, volgt verwijzing voor kijkonderzoek (coloscopie).

Deelnamepercentage bevolkingsonderzoek 72,7% in 2017

In 2017, het vierde jaar van het bevolkingsonderzoek, is 95,2% (1.941.121 personen) van de beoogde doelgroep uitgenodigd voor deelname. Van de uitgenodigde personen heeft 72,7% deelgenomen aan het onderzoek (FIT). Van de deelnemers aan het bevolkingsonderzoek met een ongunstige testuitslag hebben 59.321 personen (82,8%) een coloscopie ondergaan. In 2017 werd na screening en vervolgdiagnostiek met coloscopie bij 4.203 deelnemers darmkanker vastgesteld. Dit komt overeen met een detectiecijfer van 3,0 per 1.000 deelnemers. Bij 23.220 deelnemers is een advanced adenoom vastgesteld. Dit komt overeen met een detectiecijfer van 16,4 per 1.000 deelnemers (Bron: Landelijke Monitoring Bevolkingsonderzoek Darmkanker).

Op termijn naar verwachting 2.400 sterfgevallen per jaar voorkomen

Bij een opkomst van 60% kan het bevolkingsonderzoek over de periode 2010-2039 per jaar gemiddeld 1.400 sterfgevallen door dikkedarmkanker voorkomen. Dertien jaar na de volledige invoering (2032) zal het aantal voorkómen sterfgevallen aan darmkanker naar verwachting stabiliseren op ongeveer 2.400 per jaar. De doelgroep van het bevolkingsonderzoek voor dikkedarmkanker bestaat in 2020 uit 4,4 miljoen personen (Gezondheidsraad, 2009).

Meer informatie

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Gezondheidsraad. Bevolkingsonderzoek naar darmkanker. Den Haag: Gezondheidsraad; 2009. Bron