Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

BaarmoederhalskankerCijfers & ContextHuidige situatie

Cijfers & Context

206 sterfgevallen in 2017

Regionaal & Internationaal

Incidentie en sterfte laag in Nederland

Kosten

Kosten van zorg 117 miljoen euro in 2015

Preventie & Zorg

Screening voorkomt nieuwe gevallen

Het vóórkomen van baarmoederhalskanker

Aantal nieuwe gevallen van baarmoederhalskanker 2017

LeeftijdVrouwen
0-40,00
5-90,00
10-140,00
15-190,00
20-240,00
25-290,07
30-340,23
35-390,19
40-440,18
45-490,16
50-540,13
55-590,11
60-640,09
65-690,08
70-740,11
75-790,12
80-840,10
85-890,11
90-940,04
95+0,16

Bron: NKR, cijfers gedownload op 6 februari 2018

  • De cijfers zijn voorlopig
  • ICD-10-code C53

Ruim 800 nieuwe gevallen in 2017

In 2017 bedroeg het aantal nieuwe gevallen van een invasieve vorm van baarmoederhalskanker ruim 800 (0,09 per 1.000 vrouwen). Relatief de meeste nieuwe gevallen van baarmoederhalskanker worden vastgesteld rond de leeftijd van 30 tot 35 jaar. Het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker is van grote invloed op de verdeling van het aantal nieuwe gevallen naar leeftijd. Vrouwen in de leeftijd van 30 tot en met 60 jaar worden voor het bevolkingsonderzoek uitgenodigd, wat leidt tot een verhoogde kans dat baarmoederhalskanker in deze leeftijdsgroep wordt vastgesteld. 

Ongeveer 5.200 vrouwen met baarmoederhalskanker op 1 januari 2017

Op 1 januari 2017 waren er ongeveer 5.200 vrouwen met baarmoederhalskanker (Bron: NKR, cijfers gedownload 19 oktober 2018). Dit komt overeen met 0,60 per 1.000 vrouwen. Het betreft hier de tienjaarsprevalentie. Dit wil zeggen het aantal vrouwen dat in de loop van de tien jaar voorafgaand aan de peildatum (1 januari 2017) baarmoederhalskanker heeft gekregen en op de peildatum nog in leven was.

Meer informatie

Datum publicatie

22-10-2018

Verantwoording

Definities
  • Wat is baarmoederhalskanker?

    Baarmoederhalskanker is een kwaadaardige (maligne of invasieve) groei van het oppervlakteweefsel op de grens van de baarmoederhals en de baarmoedermond. 

Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over baarmoederhalskanker

    Bron Indicator in VZinfo Gepresenteerde populatie in VZinfo Meer informatie
    Nederlandse Kanker Registratie (NKR) Aantal nieuwe gevallen, tienjaarsprevalentie Nederlandse bevolking (vrouwen) IKNLNKR
    Nederlandse Kanker Registratie (NKR) Overleving (percentage) Geregistreerd aantal vrouwen met baarmoederhalskanker IKNLNKR
    Landelijke Medische Registratie (LMR) Klinische opnamedagen, klinische opnamen, gemiddelde opnameduur, dagopnamen met baarmoederhalskanker als hoofdontslagdiagnose Nederlandse bevolking (vrouwen) LMR

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Aantal sterfgevallen Nederlandse bevolking (vrouwen) CBS Doodsoorzakenstatistiek
    Kosten van Ziektenstudie Kosten van zorg voor baarmoederhalskanker Nederlandse bevolking (vrouwen)
     
    Kosten van Ziekten database
    Landelijke Evaluatie van het Bevolkingsonderzoek Baarmoederhalskanker (LEBA) Deelname bevolkingsonderzoek, percentage gevonden afwijkingen in bevolkingsonderzoek Vrouwen van 30 t/m 60 jaar LEBA, PALGA
    Regionale screeningsorganisaties Deelname bevolkingsonderzoek Vrouwen van 30 t/m 60 jaar Midden-West; Noord; Zuid-West; Zuid; Oost
    International Agency for Research on Cancer (EUCAN Aantal nieuwe gevallen Europese bevolking (vrouwen) EUCAN
    Eurostat Aantal sterfgevallen Europese bevolking (vrouwen) Eurostat
    OECD Relatieve 5-jaarsoverleving Europese bevolking (vrouwen) OECD; Allemani et al., 2018

     

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Allemani C, Matsuda T, Di Carlo V, Harewood R, Matz M, Nikšić M, et al. Global surveillance of trends in cancer survival 2000-14 (CONCORD-3): analysis of individual records for 37 513 025 patients diagnosed with one of 18 cancers from 322 population-based registries in 71 countries. Lancet. 2018;391(10125):1023-1075. Pubmed | DOI
  • Automatisch coderen bij CBS-doodsoorzakenstatistiek

    Met ingang van het statistiekjaar 2013 codeert het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) doodsoorzakenformulieren automatisch met behulp van het softwarepakket IRIS. Dit is een verschil met voorgaande jaren waarin doodsoorzakenformulieren handmatig werden verwerkt. Automatische codering brengt een betere internationale vergelijkbaarheid en reproduceerbaarheid van de gegevens met zich mee. Het veroorzaakt echter ook verschuivingen in doodsoorzaken. Daardoor zijn de sterftecijfers vanaf het jaar 2013 niet altijd goed vergelijkbaar met sterftecijfers uit eerdere jaren. Voor meer informatie over het automatisch coderen verwijzen wij naar vier artikelen van het CBS:

    • Het automatisch coderen van doodsoorzaken. Een nieuwe werkwijze bij de doodsoorzakenstatistiek (Harteloh et al., 2014)
    • Verschuivingen in de doodsoorzakenstatistiek bij de introductie van het automatisch coderen (Harteloh, 2014)
    • Van handmatig naar automatisch coderen van doodsoorzaken. Een bridge coding study (Harteloh, 2015)
    • Veranderingen in de doodsoorzakenstatistiek 2012-2013 (Harteloh, 2016)

    Bronnen en literatuur

    Literatuur

    1. Harteloh PPM, van Hilten O, Kardaun JWPF. Het automatisch coderen van doodsoorzaken. Een nieuwe werkwijze bij de doodsoorzakenstatistiek. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2014. Bron
    2. Harteloh PPM. Verschuivingen in de doodsoorzakenstatistiek bij de introductie van het automatisch coderen. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2014. Bron
    3. Harteloh PPM. Van handmatig naar automatisch coderen van doodsoorzaken. Een bridge coding study. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2015. Bron
    4. Harteloh PPM. Veranderingen in de doodsoorzakenstatistiek 2012-2013. Den Haag: Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS); 2016. Bron
Methoden
  • Regionale vergelijkingen Nederlandse Kankerregistratie

    De regionale cijfers van verschillende types kanker zijn gebaseerd op data uit de Nederlandse Kankerregistratie. Voor deze analyse is uit de NKR het aantal registraties per tumorsoort geselecteerd in de periode 2012-2015, uitgesplitst naar leeftijd, geslacht en GGD-regio van de patiënt. De NKR houdt internationaal geaccordeerde indelingen aan, waarbij een combinatie van lokalisatie en morfologisch type kanker wordt toegepast. Ten behoeve van de standaardisatie van de regio's naar leeftijd en geslacht, hebben we als standaard populatie de middenjaarsschatting 2012-2015 van de bevolking gebruikt. Deze bevolkingscijfers zijn afkomstig van CBS. In zowel de NKR als de CBS-data is de leeftijd onderverdeeld in 18 leeftijdsklassen (0-4, 5-9, 10-14 .... 75-79, 80-84, 85+).

    Berekenen gestandaardiseerde registratie-aantallen

    Door verschillen tussen bevolkingsopbouw in regio's zijn de ruwe gegevens moeilijk te vergelijken. Daarom is een (directe) standaardisatie uitgevoerd door alle in de regio’s geregistreerde aantallen per leeftijd en geslacht te wegen met het aandeel van deze leeftijd en geslachtscategorie in de totale Nederlandse bevolking. Bij geslachtsspecifieke aandoeningen (borst- en prostaatkanker) is gerekend met de totale bevolking van het betreffende geslacht.

    Kaarten

    De NKR-gegevens zijn gestandaardiseerd naar leeftijd en geslacht en worden per GGD-regio in kaart gebracht:

    Aantal registraties per 10.000 inwoners
    De kaart toont het jaarlijks gestandaardiseerd aantal registraties per 10.000 inwoners, gemiddeld over de periode 2012-2015. Zowel onder als boven het Nederlands gemiddelde gebruiken we een indeling in twee gelijke klassen.

    Berekening van significantie van de afwijking van het Nederlands gemiddelde
    Voor iedere regio is een standaardafwijking berekend. Hiermee wordt vervolgens een betrouwbaarheidsinterval berekend dat vergeleken wordt met het Nederlands gemiddelde. Als het Nederlands gemiddelde buiten dit interval valt is er sprake van een significante afwijking van het gemiddelde. Er is gerekend met 95% respectievelijk 99% betrouwbaarheidsintervallen.

    Kanttekeningen

    Het patroon in de kaart is een indicatie van de verdeling van een ziekte over Nederland. Behalve verschillen in het optreden van een ziekte, kunnen verschillen in andere factoren van invloed zijn op dit patroon. Zo kunnen verschillen in zorgniveau en de mate van gebruik van diagnostische tests tussen regio's een rol spelen. Verschillen in de wijze van coderen hebben waarschijnlijk geen rol gespeeld omdat landelijk dezelfde codeerafspraken gelden.

  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.