Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

AstmaPreventie & ZorgZorg

Cijfers & Context

636.200 mensen met astma

Regionaal & Internationaal

Meeste inwoners met astma in Rotterdam-Rijnmond

Kosten

Ruim 427 miljoen euro voor zorg astma

Preventie & Zorg

In 2017 8.100 ziekenhuisopnamen voor astma

Ziekenhuisopnamen astma

Ziekenhuisopnamen voor astma 2017

 

Mannen

Vrouwen

Totaal

Klinische opnamen

3.554

4.845

8.100

Klinische opnamedagen

13.810

25.895

39.705

Gemiddelde opnameduur (dagen)

4,2

5,3

4,9

Dagopnamen

2.385

3.675

6.060

Observaties

125

195

320

Bron: LBZ (gedownload van CBS StatLine in december 2019)

  • ICD-10-codes J45-J46
  • Cijfers zijn voorlopig

In 2017 voor astma 8.100 ziekenhuisopnamen

Voor astma waren in 2017 8.100 ziekenhuisopnamen (exclusief dagopnamen en observaties), waarvan 3.250 voor mannen en 4.845 voor vrouwen. Het aantal opnamen kan groter zijn dan het aantal opgenomen personen, omdat een persoon meerdere keren per jaar opgenomen kan worden. Het aantal ziekenhuisopnamen had betrekking op 39.705 verpleegdagen. Patiënten met astma verbleven gemiddeld 4,9 dagen in het ziekenhuis. In 2017 vonden meer dagopnamen plaats voor vrouwen dan voor mannen, respectievelijk 3.675 en 2.385.

Meer informatie

Experts en redactie

Datum publicatie

16-12-2019

Zorg astma

Zorgaanbieders geven voorlichting en advies aan patiënten

Zorgaanbieders, in het bijzonder huisartsen, longartsen, kinderartsen, long- of astmaverpleegkundigen en medewerkers van consultatiebureaus en GGD’en geven voorlichting en adviezen aan (ouders van jonge) patiënten over het treffen van omgevingsmaatregelen ter voorkoming en vooral ter vermindering van klachten van astma. Fysiotherapeuten ondersteunen patiënten bij het verbeteren van hun lichamelijke conditie en het aanleren van technieken voor ademhaling, ophoesten van vastzittend slijm en ontspanning. Sommige ziekenhuizen of thuiszorginstellingen bieden ook speciale spreekuren of cursussen aan bedoeld om (jonge) patiënten beter met hun ziekte te leren omgaan.

Zelfmanagement kan effectiviteit behandeling en kwaliteit van leven verbeteren

De astmapatiënt kan zelf veel doen om de effectiviteit van de behandeling en zijn kwaliteit van leven te verbeteren. Er is een groot aanbod aan zogenaamde zelfmanagementprogramma’s waarin astmapatiënten leren hun eigen verantwoordelijkheid te nemen voor het welslagen van de behandeling. De programma's hebben vaak de vorm van een groepscursus die bestaat uit meerdere bijeenkomsten.

Zorgstandaarden en richtlijnen voor bevorderen goede zorg

Voor astma zijn verschillende zorgstaandaarden en richtlijnen beschikbaar, waarbij onderscheid wordt gemaakt in de doelgroep kinderen en volwassenen. Een zorgstandaard vormt de 'norm' voor goede preventie en zorg bij astma en heeft als voornaamste doel het bevorderen van goede zorg. In een richtlijn staan 'evidence-based' aanbevelingen voor diagnostiek en behandeling van astma voor specifieke beroepsgroepen.

 

Meer informatie

Experts en redactie

Verantwoording

Definities
  • Astma is een chronische ontsteking van de luchtwegen

    Astma is een chronische ontsteking van de luchtwegen, die samen gaat met een vernauwing en een verhoogde prikkelbaarheid van de luchtwegen. Dit resulteert bij patiënten in kortademigheid, benauwdheid, piepend ademhalen en hoesten (met name 's nachts en 's ochtends). Bij kinderen zijn de klachten voornamelijk piepen en hoesten, bij kinderen jonger dan één jaar ’volzitten’ en ’zagen’. De klachten treden op in aanvallen, die van korte of langere duur kunnen zijn. De aanvallen en perioden met klachten worden afgewisseld met klachtenvrije perioden.

  • Aanvallen door allergische reacties of aspecifieke hyperreactiviteit

    De aanvallen van kortademigheid en hoesten bij astma zijn het gevolg van een allergische reactie en/of een aspecifieke hyperreactiviteit. Bij een allergie reageert het lichaam op prikkels (allergenen) waarvan niet-allergische personen geen last hebben. Zulke prikkels of allergenen zijn bijvoorbeeld graspollen, huisstof(mijt), kattenharen, schimmelsporen. Bij een aspecifieke hyperreactiviteit bestaat een gevoeligheid van de luchtwegen voor allerlei (niet-allergene) prikkelende stoffen en/of fysische prikkels die de luchtwegen binnendringen zoals koude lucht, mist, rook, baklucht en parfum. Niet iedereen heeft last van alle mogelijke prikkels en ook niet iedereen heeft evenveel last. Het verschilt per persoon hoe en wanneer iemand reageert op een bepaalde prikkel. De ene dag wordt iemand sneller benauwd dan de andere dag en ook per seizoen verschillen de klachten vaak.

Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over astma

    Bron Indicator in VZinfo Gepresenteerde populatie VZinfo Meer informatie
    Nivel Zorgregistraties eerste lijn

    Zorgprevalentie; Aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking NZR
    Gezondheidsenquête, voorheen POLS, gezondheid en welzijn

    Prevalentie (zelfgerapporteerd)

    Nederlandse bevolking Gezondheidsenquête
    Piama Prevalentie Nederlandse kinderen en jongeren Piama; website Piama-onderzoek
    Monitor Zorg- en Leefsituatie van mensen met astma en COPD Kwaliteit van leven Nederlandse bevolking van 15 jaar en ouder Nivel
    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Aantal sterfgevallen

    Nederlandse bevolking CBS Doodsoorzakenstatistiek
    Landelijke Basisregistratie Ziekenhuiszorg Registratie (LBZ)

    Klinische opnamedagen; Klinische opnamen; Gemiddelde opnameduur
    met Diabetes als hoofdontslagdiagnose

    Nederlandse bevolking LBZ
    Kosten van Ziektenstudie Kosten van zorg voor diabetes Nederlandse bevolking Kosten van Ziekten database
    GIP-databank Gebruikers astma- en COPD-middelen Nederlandse verzekerden volgens de Zorgverzekringswet GIP-databank
Methoden
  • Regionaal versus landelijk gemiddelde

    Bij een onderwerp is het mogelijk dat het gemiddelde bij het hoofdstuk 'Cijfers & Context' verschilt van gemiddelde bij het hoofdstuk 'Regionaal & Internationaal'. Dit kan te maken hebben met: 

    • het niveau waarop de informatie geaggregeerd is (van wijkniveau tot landelijk niveau);

    • het presenteren van cijfers uit verschillende jaren;

    • het al dan niet combineren van cijfers van verschillende jaren (bijvoorbeeld een gemiddelde van drie jaren);
    • het kiezen van een verschillende standaard bij het presenteren van gestandaardiseerde gegevens.
  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.

Andere websites over Astma