Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

ArtroseRegionaal & InternationaalRegionaal

Cijfers & Context

Bijna 1,5 miljoen mensen met artrose

Regionaal & Internationaal

Meeste mensen met artrose in het zuiden

Kosten

Zorguitgaven artrose 1,2 miljard euro in 2017

Preventie & Zorg

Vrouwen vaker opgenomen in ziekenhuis dan mannen

Gewrichtsslijtage (artrose en slijtagereuma) per GGD-regio

Gewrichtsslijtage 2017-2019

Per GGD-regio, bevolking 12 jaar en ouder
Gewrichtsslijtage 2017-2019
GGD-regioPercentageSignificantiePercentage (gecorrigeerd voor geslacht en leeftijdSignificantie (gecorrigeerd voor geslacht en leeftijd
GGD Amsterdam12,2Onder (99% zeker)14Wijkt niet significant af
GGD Brabant-Zuidoost18,7Boven (99% zeker)17,5Boven (99% zeker)
GGD Drenthe14,6Wijkt niet significant af13,5Wijkt niet significant af
GGD Flevoland14Wijkt niet significant af14,8Wijkt niet significant af
GGD Fryslân14,6Wijkt niet significant af13,4Wijkt niet significant af
GGD Gelderland-Midden11,6Onder (99% zeker)12,4Onder (95% zeker)
GGD Gelderland-Zuid13Wijkt niet significant af13,3Wijkt niet significant af
GGD Gooi en Vechtstreek10,8Onder (95% zeker)10,6Onder (99% zeker)
GGD Groningen12,6Wijkt niet significant af14,4Wijkt niet significant af
GGD Haaglanden13,4Wijkt niet significant af14,8Wijkt niet significant af
GGD Hart voor Brabant14,8Wijkt niet significant af14,8Wijkt niet significant af
GGD Hollands Midden13,4Wijkt niet significant af12,8Onder (95% zeker)
GGD Hollands Noorden13,8Wijkt niet significant af12,8Wijkt niet significant af
GGD IJsselland11Onder (99% zeker)11,4Onder (99% zeker)
GGD Kennemerland15,4Wijkt niet significant af14,6Wijkt niet significant af
GGD Limburg-Noord16,5Wijkt niet significant af15,6Wijkt niet significant af
GGD Noord- en Oost-Gelderland16,8Boven (95% zeker)15,6Wijkt niet significant af
GGD regio Utrecht13,8Wijkt niet significant af15,6Wijkt niet significant af
GGD Rotterdam-Rijnmond15,1Wijkt niet significant af16,2Wijkt niet significant af
GGD Twente15,8Wijkt niet significant af15,5Wijkt niet significant af
GGD West-Brabant17,2Boven (95% zeker)16,6Boven (95% zeker)
GGD Zaanstreek-Waterland17,2Wijkt niet significant af16,5Wijkt niet significant af
GGD Zeeland14,4Wijkt niet significant af13,6Wijkt niet significant af
GGD Zuid-Holland Zuid13,8Wijkt niet significant af14,7Wijkt niet significant af
GGD Zuid-Limburg20,6Boven (99% zeker)19,7Boven (99% zeker)
Nederland14,6Wijkt niet significant af14,8Wijkt niet significant af
View all detail data

In het zuiden meeste gewrichtsslijtage

In het zuiden van Nederland geven meer mensen aan last te hebben van gewrichtsslijtages (artrose, slijtagereuma) van heupen of knieën dan in de rest van het land. In de GGD-regio's Zuid-Limburg (20,6%) en Brabant-Zuidoost (18,7%) is het aandeel inwoners met gewrichtsslijtage significant het hoogst. In de regio's Gooi en Vechtstreek, IJsselland, Gelderland-Midden en Amsterdam is het percentage significant lager dan het landelijk gemiddelde. Gemiddeld heeft 14,6% van alle inwoners van Nederland gewrichtsklachten van heupen of knieën.

Toelichting regionale verschillen

Selecteer een regio in de kaart voor meer informatie over significantie per GGD-regio. Significantie geeft een nadere verklaring van de waarde die we mogen hechten aan de gepresenteerde verschillen. De verschillen zouden onder andere verklaard kunnen worden door regionale variaties in leeftijd en geslacht. Deze gestandaardiseerde cijfers zijn ook via de kaart op te vragen.

Meer informatie

Verantwoording

Definities
  • Wat is artrose?

    Artrose of gewrichtsslijtage (ICD-10-code M15-M19) is een van de meest voorkomende gewrichtsaandoeningen van het bewegingsapparaat en komt vooral voor bij ouderen. De belangrijkste objectief waarneembare kenmerken zijn structuurverandering en verlies van kraakbeen en reactieve botwoekeringen (osteofyten) in het gewricht. Dit leidt tot verlies van de normale verhoudingen in het gewricht, met als gevolg (pijn)klachten, ochtend- en startstijfheid en beperkingen in het bewegen.

    Indeling naar locatie en aantal aangedane gewrichten

    Artrose wordt ingedeeld naar het gewricht dat is aangedaan (knie, heup, overig) en het aantal gewrichten dat is aangedaan. Hier wordt alleen perifere artrose (artrose in gewrichten van ledematen: heup, knie, handen, voeten) besproken. Dit is conform de ICD-indeling. Artrose van de nek en rug worden in de ICD-10 onder code M47-48 (spondylose en verwante aandoeningen) geclassificeerd. Informatie hierover staat bij Nek- en rugklachten.

Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over artrose

    Bron

    Indicator in VZinfo

    Gepresenteerde populatie VZinfo

    Meer informatie

    NIVEL Zorgregistraties eerste lijn 

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    NZR

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Aantal sterfgevallen

    Nederlandse bevolking 

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Gezondheidsenquête, voorheen POLS, gezondheid en welzijn

    Prevalentie (zelfgerapporteerd)

    Nederlandse bevolking vanaf 12 jaar

    Gezondheidsenquête

    Kosten van Ziektenstudie

    Kosten van zorg voor artrose

    Nederlandse bevolking

    Kosten van Ziekten

    Landelijke Medische Registratie (LMR)

    Klinische opnamedagen, klinische opnamen, gemiddelde opnameduur met artrose als hoofdontslagdiagnose

    Nederlandse bevolking

    LMR

Methoden
  • Methode regionale verschillen: Gegevensverzameling gezondheidsenquête

    De doelpopulatie van de Gezondheidsenquête is de in Nederland woonachtige bevolking van 0 jaar of ouder in particuliere huishoudens (voor sommige onderwerpen bestaat een aparte leeftijdsgrens). De Gezondheidsenquête is gebaseerd op een personensteekproef uit de Gemeentelijke Basis Administratie. Alleen personen die wonen buiten instellingen en tehuizen in Nederland worden daadwerkelijk benaderd voor deelname aan het onderzoek.

    Op jaarbasis is de netto steekproefomvang circa 15.000 personen. De jaarlijkse respons bedraagt 60-65 procent. De non-respons kan selectief zijn. Daarom wordt een wegingsfactor berekent die corrigeert voor eventuele verschillen tussen de samenstelling van de steekproef en de doelpopulatie. Omdat de cijfers gebaseerd zijn op een steekproef zijn ze onderhevig aan toevalsfluctuaties en is er sprake van marges.

    Veranderde waarnemingsmethode

    Van 1997 tot en met 2009 maakte de enquête deel uit van het Permanent Onderzoek LeefSituatie (POLS) als de module Gezondheid. Met ingang van 2010 wordt de Gezondheidsenquête weer als op zichzelf staand onderzoek uitgevoerd. Deze andere waarnemingsmethode vanaf 2010 kan voor sommige uitkomsten leiden tot trendbreuken, zie het pdf-bestand over de methodebreuk op de website van het CBS voor meer informatie.

    Standaardfout

    Omdat de enquête een steekproef betreft, zijn de cijfers onderhevig aan toevalsfluctuaties. De betrouwbaarheidsmarges bij een bepaalde waarde (zoals een gemiddelde of percentage) kan worden berekend door middel van een standaardfout (se).

    De standaardfout is afhankelijk van het aantal waarnemingen en de grootte van een effect. Toetsing kan dan globaal plaatsvinden met de t-toets voor het verschil van 2 gemiddelden volgens de formule T=(p1-p2)/√(se1²+se2²). Een waarde groter of kleiner dan 2 duidt dan op een significant verschil op 95 procents niveau.

    Meer informatie:

    Bronnen en literatuur

    Bronnen

    1. CBS-Gezondheidsenquête, CBS-GE. zorggegevens.nl
  • Methoden en technieken

    Standaardisatie

    De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

    Indexatie

    Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

    Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.