Volksgezondheidenzorg.info

Zoekveld

ArtroseCijfers & ContextOorzaken en gevolgen

Cijfers & Context

Bijna 1,4 miljoen mensen met artrose

Regionaal & Internationaal

Meeste mensen met artrose in West-Nederland

Kosten

Kosten van zorg voor artrose 1,3 miljard euro

Preventie & Zorg

Vrouwen vaker opgenomen in ziekenhuis dan mannen

Risicofactoren en gevolgen van artrose

Risicofactoren voor artrose

Gezondheidstoestand

Ongeval

Een (ongevals)letsel waardoor het gewricht beschadigd raakt.

Aangeboren afwijking

Door aangeboren afwijking van het kraakbeen of tijdens de groei ontstane (heup)afwijking.

Andere gewrichtsaandoeningen

De aanwezigheid van andere gewrichtsaandoeningen zoals reumatoïde artritis of een meniscusbeschadiging kan leiden tot artrose.

Gewrichtsfactoren

Factoren in het bestaande gewricht kunnen zorgen voor een groter risico op artrose. Zoals; overmatige beweeglijkheid in het gewricht, abnormale stand van de gewrichtsuiteinden en spierzwakte rond het gewricht.

Persoonsgebonden factoren

Erfelijke factoren

In sommige families komt artrose vaker voor. Erfelijke factoren spelen een rol bij het ontstaan en verergeren van artrose.

Hogere leeftijd

Artrose kan op elke leeftijd ontstaan maar komt vooral voor bij oudere mensen.

Overgewicht

Door langdurige zware belasting gaat de kwaliteit van het kraakbeen in de gewrichten achteruit.

Lichamelijke belasting

Langdurige lichamelijke belasting bij zware beroepen (met name bij beroepen met heup- of kniebelasting). Maar ook sporten met acute hoge en/of herhaalde gewrichtsbelasting kunnen leiden tot artrose.

Oorzaak artrose onbekend

Bij artrose gaat de kwaliteit van het kraakbeen in het gewricht achteruit. Het wordt dunner, zachter en brokkelig. Dit kan leiden tot botvervorming direct onder het kraakbeen. Er vormen zich aan de rand van het gewricht zichtbare en voelbare knobbels. Dit zorgt voor een beperking in de bewegingsvrijheid van het gewricht. Artrose komt in sommige gewrichten vaker voor, zoals; knieën, heupen, vingers, duim, nek, onderrug en de grote teen. Er zijn een aantal risicofactoren voor artrose. Slechts bij een kleine groep patiënten is een duidelijke oorzaak van de artrose aan te wijzen (bijvoorbeeld bij een ongevalsletsel met gewrichtsbeschadiging of een aangeboren afwijking). Vaak is de oorzaak echter onbekend en gaat het om een samenspel van  factoren weergegeven in de tabel (Peters-Veluthamaningal et al., 2010; NHG-Werkgroep Niet-traumatische knieklachten, 2016; ReumaNederland, 2018; Palazzo et al., 2016; Silverwood et al., 2015).  

Artrose kan leiden tot ernstige beperkingen

Artrose beïnvloedt het dagelijks functioneren aanzienlijk. Als gevolg van pijn, stijfheid, verminderde kracht en afname van de fijne motoriek (voornamelijk bij handartrose) wordt het uitvoeren van zelfzorgactiviteiten lastiger. Hierdoor kan de patiënt afhankelijk worden van zijn omgeving en van gezondheidszorgvoorzieningen. De kwaliteit van leven van patiënten met artrose wordt slechter naarmate er vaker pijnklachten zijn. De duur van de pijn bepaalt in hoge mate het (psychosociaal) functioneren. Episoden van pijn en functiebeperkingen worden opgevolgd door een (langdurige) periode zonder klachten. Echter geeft het merendeel van de patiënten aan dat er over een periode van twee jaar wel een toename van pijnklachten is (Peters-Veluthamaningal et al., 2010; Kawano et al., 2015).

Meer informatie

Experts en redactie

Datum publicatie

09-08-2018

Bronnen en literatuur

Literatuur

  1. Peters-Veluthamaningal C, Willems W, Smeets JGE, Van der Windt DAWM, Spies MN, Strackee SD, et al. NHG-Standaard Hand- en polsklachten. Vol 2018.; 2010. Bron
  2. NHG-Werkgroep Niet-traumatische knieklachten. NHG-Standaard Niet-traumatische knieklachten. Vol 2018.; 2016. Bron
  3. ReumaNederland. Wat is artrose?. Vol 2018.; 2018. Bron
  4. Palazzo C, Nguyen C, Lefevre-Colau M-M, Rannou F, Poiraudeau S. Risk factors and burden of osteoarthritis. Ann Phys Rehabil Med. 2016;59(3):134-8. Bron | Pubmed | DOI
  5. Silverwood V, Blagojevic-Bucknall M, Jinks C, Jordan JL, Protheroe J, Jordan KP. Current evidence on risk factors for knee osteoarthritis in older adults: a systematic review and meta-analysis. Osteoarthritis Cartilage. 2015;23(4):507-15. Bron | Pubmed | DOI
  6. Kawano MMassa, Araújo ILuis, Castro MCaval, Matos MAlmei. Assessment of quality of life in patients with knee osteoarthritis. Acta Ortop Bras. 2015;23(6):307-10. Bron | Pubmed | DOI

Verantwoording

Definities
  • Wat is artrose?

    Artrose of gewrichtsslijtage (ICD-10-code M15-M19) is een van de meest voorkomende gewrichtsaandoeningen van het bewegingsapparaat en komt vooral voor bij ouderen. De belangrijkste objectief waarneembare kenmerken zijn structuurverandering en verlies van kraakbeen en reactieve botwoekeringen (osteofyten) in het gewricht. Dit leidt tot verlies van de normale verhoudingen in het gewricht, met als gevolg (pijn)klachten, ochtend- en startstijfheid en beperkingen in het bewegen.

    Indeling naar locatie en aantal aangedane gewrichten

    Artrose wordt ingedeeld naar het gewricht dat is aangedaan (knie, heup, overig) en het aantal gewrichten dat is aangedaan. Hier wordt alleen perifere artrose (artrose in gewrichten van ledematen: heup, knie, handen, voeten) besproken. Dit is conform de ICD-indeling. Artrose van de nek en rug worden in de ICD-10 onder code M47-48 (spondylose en verwante aandoeningen) geclassificeerd. Informatie hierover staat bij Nek- en rugklachten.

Bronverantwoording
  • Tabel: Bronnen bij de cijfers over artrose

    Bron

    Indicator in VZinfo

    Gepresenteerde populatie VZinfo

    Meer informatie

    NIVEL Zorgregistraties eerste lijn 

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    NZR

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Aantal sterfgevallen

    Nederlandse bevolking 

    CBS Doodsoorzakenstatistiek

    Gezondheidsenquête, voorheen POLS, gezondheid en welzijn

    Prevalentie (zelfgerapporteerd)

    Nederlandse bevolking vanaf 25 jaar

    Gezondheidsenquête

    RNH-Limburg

    Jaarprevalentie, aantal nieuwe gevallen

    Nederlandse bevolking

    RNH-Limburg

    Kosten van Ziektenstudie

    Kosten van zorg voor artrose

    Nederlandse bevolking

    Kosten van Ziekten

    Landelijke Medische Registratie (LMR)

    Klinische opnamedagen, klinische opnamen, gemiddelde opnameduur met artrose als hoofdontslagdiagnose

    Nederlandse bevolking

    LMR

Methoden
  • Methode regionale verschillen: Gegevensverzameling gezondheidsenquête

    De doelpopulatie van de Gezondheidsenquête is de in Nederland woonachtige bevolking van 0 jaar of ouder in particuliere huishoudens (voor sommige onderwerpen bestaat een aparte leeftijdsgrens). De Gezondheidsenquête is gebaseerd op een personensteekproef uit de Gemeentelijke Basis Administratie. Alleen personen die wonen buiten instellingen en tehuizen in Nederland worden daadwerkelijk benaderd voor deelname aan het onderzoek.

    Op jaarbasis is de netto steekproefomvang circa 15.000 personen. De jaarlijkse respons bedraagt 60-65 procent. De non-respons kan selectief zijn. Daarom wordt een wegingsfactor berekent die corrigeert voor eventuele verschillen tussen de samenstelling van de steekproef en de doelpopulatie. Omdat de cijfers gebaseerd zijn op een steekproef zijn ze onderhevig aan toevalsfluctuaties en is er sprake van marges.

    Veranderde waarnemingsmethode

    Van 1997 tot en met 2009 maakte de enquête deel uit van het Permanent Onderzoek LeefSituatie (POLS) als de module Gezondheid. Met ingang van 2010 wordt de Gezondheidsenquête weer als op zichzelf staand onderzoek uitgevoerd. Deze andere waarnemingsmethode vanaf 2010 kan voor sommige uitkomsten leiden tot trendbreuken, zie het pdf-bestand over de methodebreuk op de website van het CBS voor meer informatie.

    Standaardfout

    Omdat de enquête een steekproef betreft, zijn de cijfers onderhevig aan toevalsfluctuaties. De betrouwbaarheidsmarges bij een bepaalde waarde (zoals een gemiddelde of percentage) kan worden berekend door middel van een standaardfout (se).

    De standaardfout is afhankelijk van het aantal waarnemingen en de grootte van een effect. Toetsing kan dan globaal plaatsvinden met de t-toets voor het verschil van 2 gemiddelden volgens de formule T=(p1-p2)/√(se1²+se2²). Een waarde groter of kleiner dan 2 duidt dan op een significant verschil op 95 procents niveau.

    Meer informatie:

    Bronnen en literatuur

    Bronnen

    1. CBS-Gezondheidsenquête, CBS-GE. zorggegevens.nl